In 1815 is tijdelijk een Vierlandenpunt ontstaan, de Viergrenzenweg in Vaals herinnert nog hieraan. Dit vierlandenpunt bleef bestaan van 1815 tot en met 1919 waarna het vierde landje, Neutraal Moresnet (gelegen in het huidige België) opging in België.
De grenzen tussen België, Duitsland en Nederland zijn op de Vaalserberg nog steeds visueel herkenbaar. Normaal gesproken is een landkaart nodig om grenzen zichtbaar te maken. Echter op het Drielandenpunt is de grens thans nog steeds zichtbaar door de parallel aan de weg, overblijfselen van de "landweer". Deze landweer is in 1388 aangelegd als grensmarkering rondom het keizerrijk van Aken en daarnaast diende hij als verdedigingswerk tegen plunderaars en veedieven.
De smokkelhandel heeft vele jaren weelderig getierd rond de Vaalserberg. Vaalsenaren werden ook wel "Grensülle" (grensuilen) genoemd. Dit omdat met 's nachts (evenals uilen) op pad ging om zijn kostje te vergaren met smokkelen over de grenzen van en naar België en Duitsland.
![]() |
![]() |
NEUTRAAL MORESNET
Neutraal Moresnet of kortweg Moresnet was een dwergstaatje
met een oppervlakte van 344 hectare (ongeveer 2x zo groot als
het huidige dwergstaatje Monaco). Het lag ongeveer zeven
kilometer ten zuidwesten van Aken. Moresnet bestond van 1816 tot
1919, en grensde aan Nederland en Pruisen. Na 1830, toen België
onafhankelijk was geworden van Nederland, grensde Moresnet aan
België, Pruisen en op de Vaalserberg tevens aan Nederland, een
heus vierlandenpunt.
Moresnet ontstond doordat tijdens het Congres van Wenen in 1815
na de val van Napoleon Pruisen en het Verenigd Koninkrijk der
Nederlanden niet tot een akkoord konden komen over de te trekken
grens tussen hun gebieden. Het twistpunt was de zinkmijn
Altenberg / Vieille Montagne in het plaatsje Kelmis. Pas in 1816
kon men in het Verdrag der Grenzen een compromis bereiken:
Moresnet ging naar het Verenigd Koninkrijk der Nederlanden,
Neu-Moresnet ging naar Pruisen en het daartussen gelegen gebied
met het dorpje Kelmis werd een condominium onder de naam
Neutraal Moresnet met als staatshoofd de Burgemeester van Kelmis.
Beide landen bestuurden Neutraal Moresnet, een gebied met 256
inwoners. In 1830, toen België onafhankelijk werd, nam het de
bestuurlijke rechten van Nederland over.
Neutraal Moresnet was dus een duidelijk kunstmatige constructie,
en werd al snel een belastingparadijs, terwijl de lonen er hoger
lagen. Ook gold de dienstplicht er aanvankelijk niet (later
moesten de inwoners kiezen voor dienst voor Pruisen of voor
België), importrechten waren er lager dan elders, en alcohol
stoken was er legaal. Binnen 50 jaar woonden er dan ook meer dan
2500 inwoners, een vertienvoudiging ten opzichte van het
oorspronkelijke aantal.
Het einde van Neutraal Moresnet kwam met de Eerste Wereldoorlog.
In 1914 werd het bezet door Duitsland, waarin Pruisen was
opgegaan. Dat land verloor de oorlog, en bij het Verdrag van
Versailles werd in 1919 beslist dat Neutraal Moresnet bij België
gevoegd zou worden. De zinkmijn, dé bestaansreden van Neutraal
Moresnet, was reeds uitgeput in 1885. Pogingen om Moresnet uit
te roepen tot de eerste Esperanto - staat ter wereld hebben geen
succes gehad.
![]() |
![]() |
Sint-Martensvoeren
Het dorpsbeeld wordt gedomineerd door de 23 m hoge spoorwegbrug.
Ze maakt deel uit van de lijn Tongeren-Aken die door de Duitsers
tijdens de eerste wereldoorlog werd aangelegd. Dit viaduct sluit
aan op de langste spoorwegtunnel van Vlaanderen (2070 m). Ook de
langste spoorwegbrug van het land, in Moresnet, maakt deel uit
van deze lijn.
De kerktoren van de Sint-Martinuskerk stamt oorspronkelijk uit
de 13de eeuw. Links onder de toren bevindt zich het graf van
pastoor Veltmans.(1866 - 1954) Hij speelde een belangrijke rol
in het behoud van het Nederlandstalige karakter van de
Voerstreek. Onder de oude grafkruisen op het kerkhof bevindt er
zich één uit de 16de eeuw. Het staat achter de graven van de
bemanning van een RAF - vliegtuig (neergestort in 1944).
Sint-Pietersvoeren
Het kleinste Voerdorp, met minder dan 300 inwoners, is vooral
bekend om zijn Commanderie. Dit kasteel behoorde tot de Franse
Revolutie toe aan de Duitse Ridderorde. Het huidige gebouw werd
in het begin van de 17de eeuw opgetrokken in 'Maaslandse
Renaissance', een stijl die we ook in Luik en Maastricht
veelvuldig aantreffen
In het park van het kasteel ligt de bron, die de vijvers en de
Voer van water voorziet met een debiet van ca. 3.000 liter per
minuut. In de vijvers wordt er o.a. forel (een typisch
streekproduct), steur en paling gekweekt.
's-Gravenvoeren
(Limburgs: Voere,
Frans: Fouron-le-Comte) is de bekendste en belangrijkste
deelgemeente van de gemeente Voeren, een faciliteitengemeente in
het Arrondissement Tongeren in Belgisch-Limburg (Vlaams Gewest,
België). 's -Gravenvoeren heeft zich ontwikkeld als een lintdorp
langs de rivier de Voer, met talrijke loopbruggetjes over het
water naar de huizen. De kerk, de pastorie en verscheidene
boerderijen in de onmiddellijke omgeving stammen uit de 18de
eeuw. Die (Oostenrijkse) periode was klaarblijkelijk een heel
voorspoedige tijd voor dit dorp.
De Sint - Lambertuskerk werd opgetrokken tussen 1782 en 1786
tegen de laat-Rhenomosaanse toren uit de 14de eeuw. Buiten tegen
de kerkmuur staan een hele reeks merkwaardige arduinen
grafkruisen uit de 17de en 18de eeuw. Aangrenzend aan de kerk
ligt de pastorie die in 1774 werd gebouwd.
Een heel mooi plekje is het beschermde pleintje van Kinkenberg,
met de recent gerestaureerde Onze-Lieve-Vrouwekapel (1715) Het
ligt op de noordelijke oever van de Voer op 100 m van de kerk.
FOTO'S LIMBOURG |
|
![]() |
![]() |
![]() |
![]() |
![]() |
![]() |
Voeren
(Limburgs: Voere, Frans:
Fourons), is een faciliteitengemeente in de Belgische provincie
Limburg, grenzend aan de provincie Luik en de Nederlandse
provincie Limburg.
Deze gemeente is in het Nederlandse taalgebied ook bekend onder
de naam (de) Voerstreek.
De gemeente is in 1977 door de gemeentelijke herindeling
ontstaan. Zij telt ruim 4.000 inwoners waarvan ongeveer 25%
niet-Belgen (voornamelijk Nederlanders). De naam is ontleend aan
de Voer, een zijriviertje van de Maas dat door de gemeente
stroomt.
Remersdaal (Limburgs: Rimmersjtel,
Frans: Remersdael) is een kleine deelgemeente van Voeren, een
faciliteitengemeente in het Arrondissement Tongeren
(Belgisch-Limburg, Vlaams Gewest, België). Remersdaal heeft 400
inwoners en wordt gekenmerkt door een zeer verspreide bewoning.
Remersdaal is erg verfranst en het is dan ook de enige
deelgemeente van Voeren waar het Frans als kerktaal geldt. Het
dorpje ligt helemaal in het oosten van de gemeente Voeren en
vertoont opvallende kenmerken met het nabijgelegen Land van
Herve.
Met zijn 287 m hoogte is Remersdaal niet alleen het hoogste punt
van Voeren, maar ook het dak van het arrondissement Tongeren,
van Belgisch Limburg en van het Vlaams Gewest.
![]() |
|
Moelingen (Limburgs:
Moelenge, Frans: Mouland) Moelingen is in het Maasdal gelegen,
aan het riviertje de Berwijn. Ten westen van
Moelingen stroomt de Maas; aan de overkant van
deze rivier, noordwestelijk van Moelingen ligt
de Sint Pietersberg. Moelingen beschikt over een
18e-eeuwse kerk die nog een Romaanse toren uit
de 12e-eeuw heeft. Moelingen is het meest
westelijke dorp van de fusiegemeente Voeren. Het
ligt aan de rivier de Berwijn. De romaanse
kerktoren van de Onze-Lieve-Vrouwekerk dateert
uit de 12de eeuw en is een beschermd monument.
De kerk zelf vertoont, doordat ze in
verschillende fasen tot stand kwam, een
combinatie van allerlei stijlinvloeden.
(romaans, vroeggotisch, neogotisch, barok).Aan het voormalige gemeentehuis, langs de brug
over de Berwijn, staan naast het dorpskruis uit
1768 enkele grenspalen uit de 18de eeuw (1713),
met de wapens van Oostenrijk (waar het huidige
België toen toe behoorde) en de Nederlanden.
De Voerstreek is
een klein Vlaams gebied in het uiterste
noordoosten van België. Alhoewel het behoort tot
de provincie Belgisch-Limburg is het bijna
geheel omsloten door de Waalse provincie Luik
waarvan het tot 1963 onderdeel uitmaakte. In het
noorden grenst zij aan de Nederlandse provincie
Limburg, aan het zogenoemde Mergelland en
Heuvelland waarmee ze veel gemeen heeft.
De Voerstreek bestaat uit laag heuvelland waar
doorheen het riviertje de Voer stroomt met
bijbehorend dal; hieraan dankt de Voerstreek
haar naam. Alhoewel zij niet tot de echte
Ardennen behoort wordt het (toeristisch gezien)
wel tot de Ardennen in ruime zin gerekend. De
Voerstreek gaat in het zuiden over in het Land
van Herve.
Om de Voerstreek is de afgelopen 40 jaar veel
van doen geweest vanwege de taalproblematiek.
Officieel is zij Nederlandstalig met
faciliteiten voor de Franstaligen, die de
meerderheid van de autochtone bevolking
uitmaken. Zij wensen als Franstaligen in
Vlaanderen erkend te worden.
In de Voerstreek liggen een zestal dorpen plus
veel kleine gehuchten die tezamen de gemeente
Voeren vormen.
Kasteel Beusdael
![]() |
|
Sint Martensvoeren
![]() |
![]() |
![]() |
![]() |
EBEN - EMAEL FORT
Het fort Eben-Emael is nog steeds militair
terrein. Gebouwd in 1932-1935 werd dit fort
onneembaar geacht en was tevens het laatste
woord van de toenmalige 'moderne'
oorlogsvoering. Gelegen aan het Albert - kanaal
was het een belangrijk strategisch punt van de
Belgische verdediging in het oosten met als
hoofdtaak: de drie bruggen in het Noorden over
het kanaal te verdedigen of te vernietigen. Ook
het zogenaamde "gat van Visé" ten zuiden van het
fort werd verdedigd.
Begin 1986 werd de "Vereniging Zonder
Winstgevend Doel" opgericht: Fort Eben - Emael
ofwel F.E.E. De doelstelling van F.E.E. is om
sporen van het verleden rond het fort te
verzamelen, te bewaren en door te geven aan het
nageslacht. Sinds 15 januari 1988 is het
mogelijk het fort te bezoeken op de zogenaamde
Opendeurdagen.
In het Fort is een museum ingericht dat alles
toont van de rumoerige tijd welke het fort heeft
doorstaan in de tijdsperiode 1935-1944.
Variërend van foto's tot wapens, van uniformen
tot boeken zijn bijna alle facetten met
betrekking tot het fort vertegenwoordigd. In de
toekomst zal het museum zeker uitgebreid worden.
Momenteel is het mogelijk in de onderaardse
kazerne de lokalen die open staan voor het
publiek zelfstandig te bezoeken: commentaar ter
plaatse zal in één van de vier talen worden
gegeven door een druk op de gewenste knop. Een
bezoek aan verschillende bunkers gebeurd onder
leiding van een gids die U meeneemt op een reis
door de tijd gedurende 2 tot 2,5 uur en U het
verhaal vertelt van Fort Eben - Emael.
![]() |
![]() |





















