Jos heeft onverwacht een dagje
vrij gekregen op school. Het is een zonnige lentedag, een van de
eerste in 2010. Hij besluit met de trein een dagtrip naar Namen te
maken.
De heenreis vanuit Roermond duurt toch wat langer dan ik dacht,
ik moet twee keer overstappen (in Maastricht en Luik) wat me nogal
tussentijds wachttijd oplevert. Pas om half twaalf kom in ik in
Namen aan. Vlakbij het station bevindt zich de kiosk van het VVV -
kantoor waar ik een gratis plattegrond van de stad ophaal. Het
station is een monumentaal gebouw met een fraaie gevel, maar dat is
slechts uiterlijke schijn. Van binnen is het helemaal verbouwd en
voldoet het aan de moderne eisen van deze tijd. ik vind de open kooi
constructies van overwegend roestvrij staal best mooi. Het lijkt
erop dat de stad gedacht heeft: wat Luik met zijn station kan, kan
ik ook. Het resultaat is echter veel minder imposant, misschien
waren de financiële middelen niet toereikend om het hele station op
de schop te nemen zoals in Luik gebeurd is.
Daarna bekijk ik het centrum van de stad. Het
is mooi weer, dus heb ik geen reden om meerdere musea te bezoeken en ik besluit
om me tot slechts één museum te beperken. Ik bereid me voor op een fikse
wandeling van 4 à 5 uur met nu en dan een korte pauze voor koffie en een
sigaretje. Goed voor de conditie (en dan bedoel ik niet dat sigaretje...). Namen
is een echte Belgische stad, dat wil dus zeggen dat er geen huis hetzelfde is en
er vele bouwstijlen door elkaar te bespeuren zijn wat niet alleen een
wanordelijke, maar ook een levendige indruk wekt. Er hangt een onmiskenbare
zuidelijk aandoende, Franse sfeer in de straten. In de middagpauze puilen de
vele restaurantjes uit, op de banken zitten kantoormensen en winkelpersoneel hun
lunch te verorberen, genietend van het bescheiden lentezonnetje.
Office du Tourisme / VVV-kantoor
Woningen langs de Sambre
Ik begin mijn tocht bij de Place Leopold, een
drukke rotonde met in het midden een standbeeld van... inderdaad, Leopold II,
ex-koning der Belgen. Daar word ik bij het oversteken bijna geschept door een
voortrazende bromfietser die me vanonder zijn helm allerlei onverstaanbare
verwensingen toeroept. Vlakbij loopt de Rue de Fer in de richting van de Maas,
het is een winkelstraat die met zijn Kruidvat, Blokker en de hele bubs van
Nederlandse winkelketens niet zou misstaan in een Nederlandse provinciestad.
Enkele panden hebben er gelukkig wel nog de authentieke voorgevel bewaard,
waaronder het stadhuis (Hotel de Ville). Achter de gevel schuilt een
kantoorkolos met een rustig binnenpleintje, een blinde muur heeft men
verlevendigd met 3D-achtige schilderingen die ik wel de moeite waard vind.
Verder tref aan de straat een renaissancekerk en enkele Jugendstilpanden aan.
Nou ja, Jugendstil, in Franstalige contreien dient men de spreken over Art
nouveau.
Muurschilderingen....
... nieuwe stadhuis
Als het goed onderhouden theater voor me
opdoemt weet ik dat ik het oudere gedeelte van de stad heb bereikt. Terrasjes
beginnen het straatbeeld te domineren, hoewel ze lang niet overal vol zitten,
per slot van rekening is het vandaag een werkdag en is het lunchuur verstreken.
Het Beursgebouw ziet er indrukwekkend uit, het ligt aan een open plein met
alleen aan de randen begroeiing en lantaarnpalen met bloemkorven. Onder het
plein bevindt zich de centrale parkeergarage. Achter de Beurs staat de Belfroi,
een klokkentoren uit de middeleeuwen. In een zijstraatje is ook nog een andere
middeleeuwse toren van de stadsmuren bewaard gebleven. Nieuwsgierig loop ik een
complex binnen dat bestaat uit een mix van oude en nieuwe gebouwen. het blijkt
een hospice (Maison de Repos) te zijn, want plotseling word ik omringd door
senioren met rollators, de voornamelijk vrouwelijke zorgmedewerkers staan op een
binnenplaats sigaretten te roken. De bijbehorende kerk is vervallen en is wegens
restauratiewerkzaamheden niet toegankelijk. In de buurt moet ook een klooster
liggen waar de beroemde schat van tentoongesteld wordt, maar de ingang van het
convent kan ik niet vinden. Even later sta ik aan de oever van de Maas.
Het toeristenseizoen is nog niet echt begonnen
(het is midden april), maar er varen toch al rondvaartboten op het water. Rechts
van me ligt de Grognon, een kaap die gevormd wordt door de samenvloeiing van de
zijrivier de Sambre met de Maas. Daar torent ook de machtige citadel op, een van
de grootste van Europa. Daar ben ik al eens met Clim geweest, ik meen in 2001,
maar omdat we in de binnenstad geen parkeerplaats konden vinden zijn we toen
doorgereden naar Dinant, een plaats aan de Maas die eveneens kan bogen op een
citadel. Tussen de bomen in volle bloesem staat een ruiterstandbeeld van een of
andere koning, of is het een generaal? Verder bevindt zich hier het Waalse
parlement waar ik geen enkele activiteit kan bespeuren. Ik maak een fikse omweg
om onbelemmerd foto's van de citadel te kunnen nemen vanaf een brug over de
Maas.
Terug naar de echte oude binnenstad. De
straten zijn er een stuk smaller en de huizen ouder, ik ontdek gevels uit de 16e
t/m 18e eeuw. Het is er gezellig, waar mogelijk staat het terrasmeubilair
buiten. Ik bezoek er een paar kerken, waarvan het interieur van de Église St.
Loup de meeste indruk op me maakt; prachtig plafond, mooie zuilen. De kathedraal
van Saint Abain komt massief over, ze ligt aan een plein dat nu parkeerplaats
is. Ik vind het gebouw er grijs en weinig aantrekkelijk uitzien. Maar misschien
is de binnenkant geen afspiegeling van de buitenkant, wie weet. Ik kan me
daarvan echter niet overtuigen, want weer eens staat nergens aangegeven waar de
ingang is. De hoofddeuren zijn uiteraard gesloten, ze lijken wel van wrakhout
gemaakt te zijn. Aan het plein liggen nog enkele andere interessante gebouwen,
waaronder het provinciehuis (Gouvernement Provinciale) en enkele herenhuizen.
Ook het paleis van Justitie en de universiteitsgebouwen liggen in deze buurt.
Het Arsenaal schijnt nog interessant voor een bezoek te zijn, maar daar zie ik
vanaf wegens toenemende vermoeidheid.
Wel neem ik nog de moeite om het Félicien Rops
- Museum te bekijken. Rops is een omstreden kunstenaar uit Namen die van alle
markten thuis is getuige zijn werk dat in het museum te bekijken valt. Zo te
zien had hij weinig respect voor de hogere burgerij en de autoriteiten, ik kan
me dan ook voorstellen dat hij niet zo geliefd was. Er is ook een tijdelijke
expositie van de Frans kunstenaar Mossa die een tijdgenoot van Rops was, beide
schilders hadden zo omstreeks de eeuwwisseling van 1900 hun hoogtepunt. Mossa is
een art nouveau - representant die ook wel eens de laatste symbolist wordt
genoemd. Hij werd geobsedeerd door seks, daarvan is veel van zijn werk
doordrenkt. De blote borsten vliegen je om de oren, misschien vind ik daarom
zijn werk wel aantrekkelijk, zeker gezien de tijd waarin hij leefde waarin
erotiek weliswaar bestond, maar die ook stevig door de kerk en de officiële
gezagsdragers onderdrukt werd. Voor foto's: zie
verderop in deze site.
Die kijk op de wereld van de provincie Namen heeft met tal
van elementen te maken.
Het zijn van die kleine dingen, die soms in het oog
springen en dan weer ongrijpbaar zijn, die Namen zo gastvrij maken. Maar die
kleine dingen zijn er wel legio. Ze houden zowel verband met de warme
menselijkheid van de inwoners als met de natuurlijke, historische en landelijke
kenmerken van de omgeving.
Bekijk ook ons filmpje van Namen:
Namen, hoofdstad van Wallonië
De Provincie ligt in het hart van Europa, op een steenworp
van Brussel en wordt uitstekend door alle vervoermiddelen bediend. Ze herbergt
de hoofdstad van het Waals Gewest en leeft op het ritme van die stad. Een ritme
dat aanzet tot creëren, investeren en het beste van zichzelf geeft. De rol van Namen , hoofdstad van Wallonië, wordt gespeeld
op het Waalse en Belgische politieke vlak, maar ook Europees en internationaal.
Namen ligt op amper 60 km van Brussel en speelt inderdaad een hoofdrol naast de
Belgische en Europese hoofdstad. De provincie beslaat 3600 km², meer dan één
vijfde van het grondgebied van het Waals Gewest en iets meer dan één tiende van
het Belgisch Koninkrijk.
Hoofdstad en Waals
Hoofdstad van het Waals Gewest worden, was voor Namen een
fantastische kans. De 3,5 miljoen Walen maken van Namen « hun » hoofdstad, die
ze een plaats geven in een hele dynamiek als voorbode van het Europa van de
Regio’s. Dat was in 1986. Vandaag is Namen de zetel van het Waals Parlement, van
ministeriële kabinetten en van het gewestbestuur en dus de onmisbare doorgang
voor elk ondernemingsproject van enig formaat. Het is een heus knooppunt met
alle diensten en productieve krachten van Wallonië. Namen concentreert, op een
in feite vrij bescheiden grondgebied, alle nuttige contacten om een project tot
een goed einde te brengen.
Kern en knooppunt
Namen is een verkeersknooppunt van de eerste rang. Er
kruisen zich snelwegen die structuur geven aan Noordwest-Europa, met de vier
hoofdpunten, de E411 die Noord-Zuid Brussel verbindt met - Luxemburg -
Straatsburg - Bazel, de E42 die een Oost-Westverbinding is tussen Keulen en
Parijs, de N5 die Charleroi aan Reims linkt, terwijl de Route Charlemagne Parijs
dichter bij Aken brengt. En dat is nog niet alles. Het station van Namen, het
grootste passagiersstation van Wallonië en een belangrijke as voor het
vrachtvervoer, is een beduidend spoorknooppunt, waarop de Waalse As en de Thalys
(TGV-lijn) steunen, zodat Namen amper twee uur en zestien minuten van Parijs
verwijderd is. Op de samenvloeiing van de Maas, met zijn capaciteit van
9.000 ton enerzijds, en de Samber, met zijn 1.350 ton anderzijds, ligt Namen in
het hart van de Europese netwerken van de waterwegen die de haven van Antwerpen,
het Rijnbekken en Frankrijk met elkaar verbinden.
Maas, blik zuidwaarts
Trappenhuis Museum
Namen, leader in ICT
Namen was één van de eerste gebieden waar de
ISDN-technologie (Integrated Services Digital Network) werd uitgebouwd. Dit nu
volledig geïntegreerde netwerk stuurt alle soorten digitale en digitaliseerbare
informatie de hele wereld in.
Nog een netwerk dat in het Naamse zijn netten uitsloeg is :
WIN (voor Wallonie Intranet). Dit bestaat fysiek uit 875 km optische vezel, over
heel het Waals Gewest en maakt dat Wallonië een plaats mag opeisen in het
koppeloton van de meest « gedigitaliseerde » regio’s in Europa. Het WIN-netwerk,
waarvan de ruggengraat de provincie Namen doorkruist, draagt bij tot de
verspreiding van de huidige technologieën van het type ISDN, ADSL, xDSL of
Broadband Wireless, en de enorme capaciteit van de optische vezel van WIN
bereidt het voor op de nieuwe normen die in de komende tien jaar hun intrede
zullen doen op de telecommunicatiemarkt.
Een ander luik van de kwaliteiten in communicatie van de
provincie Namen is het PEREX-centrum dat, op een boogscheut van Namen,
doorlopend waakt over de Waalse snelwegen. Het is een heus autowegenbrein en
stuurt de impulsen uit om het verkeer op de zeer drukke Waalse snelwegen
letterlijk in goede banen te leiden.
Namen, internationaal
Het Economisch Bureau van de Provincie Namen, Bureau
Économique de la Province de Namur ( BEP), sensibiliseert en ondersteunt de
bedrijven en bereidt ze voor om de stap naar export te zetten. Het begeleidt ze
niet enkel tijdens handelsmissies of bij deelnames aan beurzen, maar biedt ook
financiële aanmoedigingsmaatregelen voor de export, via een tussenkomst van het
Programma LAUREAT-Export. Doel : de zoektocht naar afzetmogelijkheden in het
buitenland bevorderen, hulp bij de uitstippeling van een strategie met het oog
op internationale ontwikkeling en dagelijkse begeleiding op de weg naar nieuwe
markten, die vaak vol hindernissen zijn.
Het Euro Info Centre, dat ondergebracht is bij het BEP,
wil de bedrijven informeren, adviseren en assisteren in hun benadering van de
Eenheidsmarkt. Specifieke opleidingen, opvolgen van informatie, persoonlijke
begeleiding, … de opdrachten van het Euro Info Centre Namen zijn uiteenlopend en
vaak gestoeld op de noties netwerk en partnership : de Waalse en Europese
netwerken van de Euro Info Centres, de Centra voor Bedrijven en Innovatie en de
Innovation Relay Centres.
NEW [Namen-Europe-Wallonie] is een belangrijke partner in
het internationaal SESAME - netwerk, dat veertien Europese hoofdsteden over de
hele wereld groepeert. Het SESAM - netwerk zet elk jaar een Internationaal
Forum op in een lidstad. Dit brengt politieke besluitvormers, culturele actoren,
bestuursverantwoordelijken en bedrijven bij elkaar. Het is de uitgelezen kans om
informatie en ervaring uit te wisselen en om nieuwe zakelijke contacten te
leggen.
NEW is een uniek voorbeeld van een vereniging (meer dan 500
leden) die zich opwerpt als boodschapper van een hele regio op lokaal, regionaal
en internationaal vlak en haar leden in staat stelt om elkaar zo vaak mogelijk
te ontmoeten, met elkaar om te gaan, om te leren uit elkaars ervaring maar ook
om, samen, projecten uit te bouwen. NEW gaf zichzelf de taak om projecten of
acties die de provincie Namen een economische, sociale, culturele of educatieve
impuls moeten geven, te bevorderen, met alle respect voor de overtuigingen,
ideeën en acties van elk lid.
Vleeshal
Kantooromgeving
Namen, rijk van toerist
Namen begint met dezelfde letters
als Natuur. De provincie Namen, vaak de "tuin van België" genoemd,
bestaat hoofdzakelijk uit bossen, parken en tuinen maar ook uit
valleien en rivieren. En deze natuur vol leven trekt zowel de
toerist als de zakenman aan.
De provincie Namen is rijk aan contrasten. De glooiende
landschappen aan de rand van de Maas grenzen aan de zachte dalen van
een groen platteland. Tussen de Noordzee en de Eifel, tussen
Picardië en het Vlakke Land ontdekt de toerist de eerste hellingen
van een heuvelachtig maar toch zeer toegankelijk reliëf.
De natuurlijke charme van de Namenaar is gekruid met een wijd
verbreid goed humeur, een gastronomie die hoge toppen scheert en een
erfgoed met karakter, in een afwisseling van schilderachtige Ardense
dorpen en boeiende kunststeden.
Dit is het land van tradities, mythes en legendes. De provincie
Namen biedt dus een zeer gevuld toeristisch programma. Het is ook
het land van de RAVeL (Autonoom Netwerk van Wandel- en Fietspaden —
Réseau Autonome des Voies Lentes) voor wandel- of fietstochten, het
land van de steile rotsen voor fervente klimmers, van de ingewanden
van de aarde waar grotten wenken naar de bezoekers, van boottochten
op de Maas, tussen Frankrijk en Duitsland,… het menu van de toerist
is bijzonder overvloedig. Alles wordt geserveerd volgens de regels
van de kunst door echte beroeps, uit de privé of de openbare sector,
en kundig bereid door de
Toeristische Diensten en de
Toeristische Federatie van de Provincie.
Namen, het Land van de Valleien
In het hart van de elf valleien komt
de toerist ogen en oren te kort, want het is volop genieten van de
vele bekende en minder bekende sites, van de wervelende
manifestaties, van de blijvende tradities, van allerlei sporten, van
streekgebonden gerechten, van huisvesting om zich te ontspannen en
te herbronnen.
In deze natuurlijke en afwisselende omgeving, in een heuse groene
lijst, oogsten de immense rotsen en de uitgestrekte wouden van de
Maasvallei telkens weer grote bewondering. Elders banen rivieren en
beken zich onverstoord een weg om zich dan in de kalkhoudende poriën
van de aarde te storten. Verder worden het landelijke landschappen,
en niet te vergeten, tot genoegen van groot en klein, de vallei van
de meren, voor een duik in de geneugten van de watersporten.
Oude stenen, musea en literatuur
Getuigen van een eeuwenoude regio
zijn er te over in de provincie Namen : kastelen, abdijen, citadels,
tuinen,… Ze vertellen over een verleden dat gaat van de prehistorie
tot wat we vandaag kennen.
De kastelen van
Lavaux-Sainte-Anne en van
Freyr, de citadels van
Namen en van
Dinant, de
tuinen van Annevoie, … stuk voor
stuk locaties die, in het mooie seizoen, regelmatig het decor zijn
van klassieke concerten, en van voorstellingen door
toneelgezelschappen en andere artiesten.
De werken van Félicien Rops, het vermaledijde en aanbeden kind van
Namen, kregen een eigen
museum
((zie ook hieronder).
Het
museum Groesbeeck de Croix, in
Namen, is gewijd aan de kunst van de achttiende eeuw.
Viroinval herbergt de resten en de
herinneringen aan de stoomspoorweg, Andenne heeft zijn
keramiekmuseum, Vresse-sur-Semois
brengt hulde aan de leisteen…
In Namen is het
Huis van de Pöezie en de Franstalige Taal
open voor iedereen. De dichterlijke ziel komt er in een sfeer die
uitnodigt tot een ontmoeting, tussen de regels, met de werken van
Jean Tousseul of van Henri Michaux.
In Treignes, staan
Arthur Masson en zijn Toine Culot,
burgemeester van Trignolles, volop in de kijker, terwijl Dinant
gedurig zijn beroemdste inwoner huldigt :
Adolphe Sax.