De Villa d' Este in Tivoli
Ongeveer 25 km ten oosten van de Italiaanse hoofdstad Rome ligt in
de Sabijnse Bergen de stad Tivoli. Op deze plek, ter hoogte van
watervallen in de rivier de Aniene, bouwden vanaf de 1ste eeuw v.C.
aanzienlijke Romeinse families hun buitenhuizen. Tivoli heette in
die tijd Tibur. In de stad liggen onder meer de Villa van keizer
Hadrianus, een complex van gebouwen in een park, daterend uit de 2de
eeuw, de resten van een heiligdom uit de 1ste eeuw v.C. en een
15de-eeuws kasteel. De 16de-eeuwse Villa d’ Este behoorde toe aan de
hertogen van Ferrara, leden van het oude en beroemde Italiaanse
geslacht Este, wier hof in Ferrara een centrum van kunst en cultuur
was. Bij de Villa d’ Este ligt een schitterende renaissancetuin. Net
als in het park van de Villa van Hadrianus liggen hier prachtige
waterwerken.
Een meesterstuk van renaissancebouwkunst met een
weelderige terrassentuin
".. weggekropen
te staan in een grotto / Aan de achterkant van dit gordijn van
water."
Jean Garrigue, 'A Water Walk by Villa d'Este' (1959)
Het huis en de
tuin van de Villa d'Este in Tivoli werden gecreëerd voor kardinaal
Ippolito II d'Este (1509– 1572), de kleinzoon van de Borgia - paus
Alexander VI. Het geheel is een renaissancemeesterstuk, maar met
name de tuinen met hun talloze fonteinen en grotto's zijn
indrukwekkend.
De bouw van de
Villa d'Este begon in 1550 toen Ippolito door paus Julius III werd
benoemd tot gouverneur van de stad Tivoli, zo'n 29 km van Rome. Hij
gaf opdracht voor het bouwen van een nieuwe villa met schilderingen
van Livio Agresti en andere grote schilders uit het late maniërisme.
Het hoogtepunt wordt echter gevormd door de weelderige, in terrassen
aangelegde tuinen die omhoog leiden naar de villa. Vanwege de steile
helling moesten de fonteinen werden aangedreven door een ingewikkeld
hydraulisch systeem, waarbij gebruik werd gemaakt van enkele
technieken die waren afgekeken van voorbeelden uit de nabijgelegen
Villa Adriana uit de oudheid. Begin 17e eeuw liet kardinaal
Alessandro d'Este de tuinen en waterwerken van de villa restaureren
en opknappen. De Villa d'Este kwam in de 18e eeuw in bezit van de
Habsburgers. De tuinen raakten geleidelijk in verval en de grote
verzameling beelden werd gesplitst en naar andere plekken
overgebracht. Aan de neergang van het complex kwam een eind toen
kardinaal Gustav von Hohenlohe de villa in de 19e eeuw in bezit
kreeg en begon met de restauratie. Toen hij er woonde was de
componist Franz Liszt een regelmatige bezoeker en een van zijn
laatste concerten gaf hij in de villa.
De Villa d'Esta
is nu in het bezit van de Italiaanse staat en een
Werelderfgoedmonument van Unesco. Het is een van de mooiste
landhuizen ter wereld en de schitterende tuinen, die overal in
Europa op grote schaal werden gekopieerd, zijn ongeëvenaard. |