|
Betrapt door de Securitate
Op naar Eva dus die problemen had met het schijnbaar ongeldige ticket van Ome
Jaap. Ik hielp haar hierbij en doordat ik met Jaap Nederlands kon praten (zijn
Engels was ondanks zijn achternaam Kennedy slecht) waren de problemen in een mum
van tijd opgelost. Nou zou de verdere avond voor ons zijn. We gingen direct naar
haar kamer. Na een half uur ging Eva zich opknappen in de badkamer. Plotseling
werd de deur ruw opengesmeten en stapten twee forse kerels met leren jacks en op
gymschoenen de kamer binnen. Waarschijnlijk waren het mannen van de Securitate –
de geheime politiedienst - , want zij hadden blijkbaar een sleutel van het
appartement. Ik deed me zo natuurlijk mogelijk voor als een simpele toerist,
maar ik betwijfel of zij daar intrapten. Een van de twee was de commandant van
het lokale schaduwteam. De kleine rechercheur die aanvankelijk aan Eva was
toegevoegd had verlof gekregen. De baas kwam nu zijn opvolger aan Eva
voorstellen. De vervanger, een onguur type die loensend uit zijn ogen keek,
stond ondertussen al ongegeneerd in Eva’s privé – bezittingen te rommelen en
inspecteerde haar boekencollectie. Ik deed er het zwijgen toe en hield me
wijselijk van den domme.

Op de vlucht naar Olimp
Eva wist het ongewenste bezoek met een smoesje af te schepen (“Ik moet deze
toerist,”- ze wees naar mij – “naar een hotel brengen; kom over een uurtje maar
terug!”) Toen de kerels zo de deur uitgewerkt waren, ontvluchtten we zo snel
mogelijk het dorp met de Kiki – cars. In Olimp, 25 kilometer verderop, was het
risico dat men haar als gids herkende niet zo groot, dus daar gingen we naar
toe. Tijdens die winderig rit raakte ik trouwens een beetje verkouden. In Olimp
troffen we een collega Engels van haar. Op een terras gaf ik een soort college
over de moderne Amerikaanse literatuur, in het bijzonder over Saul Bellow,
Philip Roth, Nabokov en John Updike. Alleen van de laatste hadden ze ooit
gehoord, de andere waren in Roemenië te controversieel (Joods, Russische emigré)
en werden dus niet uitgegeven. Ik had een zeer aandachtig publiek, dat
voortdurend geïnteresseerd vragen stelde en verwoed aantekeningen maakte. Tegen
twaalven reden we terug naar Venus. Tijdens de rit werd onze stemming steeds
melancholieker.


|