|
Meer weten over Port? Ga naar
CitySpotters Porto
Do. 23 juli

Om 10.00 uur vertrek uit het pension in Lissabon, koffie in restaurantje onder
ons. Om 11.20 uur vertrek met luxe touringcar (dag van te voren gereserveerd)
richting Oporto dat 400 kilometer noordelijker ligt. Op de helft van de rit een stop van een half uur bij
een indrukwekkend
welvarend wegrestaurant. Leuke hostess op de bus, spreekt een woordje Engels. Het
landschap van Midden - Portugal onderweg maakt geen indruk op ons, het is
voornamelijk een landbouwstreek.
M.b.v. een beambte van de busonderneming een
pension in de binnenstad gevonden. Een heel sjiek pension nog wel – Uniao
geheten - met marmeren gangen en overal spiegels en rode lopers. We hadden er de
duurste (en dus grootste) kamer; de zaak werd gerund door een trio vrouwen (jong, middelbaar en
oud). Alle drie probeerden zij ons te bemoederen, wat we ons lijdzaam lieten
welgevallen. Ja, we waren de enige gasten waar Maria, Emilia en Martina zich om
konden bekommeren. |
 |
| We reizen met de particuliere busonderneming Viagens
Resende. Die is niet veel duurder (soms zelfs goedkoper) dan de RN (Rodoviaria
Nacional), de busonderneming van de overheid die minder comfort
biedt en langzamer is. Daarentegen heeft zij veel meer halteplaatsen
en meer lijnen waardoor je flexibeler in het reizen bent. Je moet
dan wel steeds opnieuw buskaartjes kopen: bijvoorbeeld van Porto
naar Coimbra, van Coimbra naar Fátima, van Fátima naar Lissabon. Eén
kaartje voor dit traject is blijkbaar niet mogelijk. |
 |
Sé, de kathedraal. Hoog gelegen op de rand van het diep ingesneden dal van de
Douro. Een tijdje genoten van het orgelspel, muziek die we op zijn tijd weten te
waarderen. We nemen ook deel aan een rondleiding door het klooster dat erbij
hoort. Geïmponeerd door de enorme rijkdom aan houtsculpturen, allen tot de
laatste vierkante centimeter verguld. Het hout is meestal afkomstig uit Brazilië,
de grootste kolonie van het toenmalige Portugal. De gids sluit steeds alle
deuren achter ons, waardoor we een claustrofobisch gevoel krijgen. Zij dreunt in
het Frans hele rijen koningen, graven, hertogen en bisschoppen op, iets waarin we
in het geheel niet geïnteresseerd zijn. En ook nog in het Frans, een taal die we
niet zo meester zijn. We verwachten wat meer concrete aanwijzingen en anekdotes
te horen. Dat doet de gidsen in Frankrijk en zeker Duitsland heel wat beter. Als we tussentijds de groep willen verlaten, samen met twee landgenotes
die het ook niet zien zitten, kunnen we er door die gesloten deuren niet uit. We
voelen ons opgesloten. De gids is echter onvermurwbaar: meelopen moeten we, tot
het bittere einde.
Panorama Serra do Pilar. Groots uitzicht over de rivierkloof van de Douro met
aan beide zijden de oplopende stad. Foto’s van de zonsondergang. De zeilschepen
met de vaten portwijn liggen aan de kades bij de pakhuizen om geladen te
worden.
- Ponte de Luis I. Dit is een dubbele brug van ijzer, ontwerp van Gustav Eifel.
We lopen erover heen. We hebben er een prachtig uitzicht over de stad.
- De
Mercado. Overdekt marktgebouw met veel gietijzer; groente, vis, vlees, fruit, etc.
in de verkoop. Alles vers uiteraard.
- Espectacolo in Cine - theatro! Een pornofilm bezocht in de chique gehoorzaal van een vorige
- eeuws Opera - gebouw. Het was een echte hard core productie, onbegrijpelijk
dat dit kon in het katholieke Portugal.
- De Sao Francisco – kerk. Uit de 14de eeuw, tevens een monumento.
Letterlijk volgestouwd met houtsnijkunst, een zee
van details, ornamenten, tierelantijntjes, heilgigenbeelden, alles verguld. Eén
grote jubeling van kunst ter ere van de Heer.
Hospital de Sao Antonio. 's Zondagsmorgens, Clim consulteert (via een onbeholpen
briefje in het Portugees dat Jos gefrabiceerd heeft, zie hieronder)de Emergencia
(Eerste Hulp) vanwege uitslag en jeuk. Dokter spreekt moeizaam Engels, een Portugees
uit Keulen vertaalt. Spuit in bil en arm. De behandeling is tot onze niet
geringe verbazing gratis. Daarna apotheek
zoeken die 's zondags niet gesloten is, een en ander met behulp van een vrouw uit ons
pension. Betreffende vrouw (met dochtertje) smeert Clim in met zalf. De rest van
de dag slaapt Clim. Twee dagen later is Jos ook het slachtoffer van dezelfde
kwaal.
| PORTUGEES (of iets
wat er op lijkt) Sou doente.
Estou a procura dum médico.
Talvez sou alérgico a algumam coisa.
Hospidal ha urgéncia?
Comi chao tenho. |
NEDERLANDS (zeer vrije vertaling) Ik heb pijn.
Ik moet een dokter raadplegen.
Waarschijnlijk heb ik van iets een allergie opgelopen.
Is er een eerste hulp - afdeling?
Hoe kom ik daar? |
| |
|
| Naast pillen en een spuit kreeg Clim een zalfje
voorgeschreven, nl FENISTIL gel. Dat moest hij op de geïnfecteerde
plekken aanbrengen om de lastige jeuk en uitslag te bestrijden.
Iedereen in Portugal kende dit middel, velen hadden het zelfs op
zak. Misschien was onze kwaal daar een gewone volksziekte die we in
Nederland niet kennen.... |
 |
- Andere kerken en kapellen:
Irgeja de Lapa: moderne, lichte vormgeving, er zijn
net trouwplechtigheden aan de gang als we er binnenkomen.
- Capela de las Almas (met veel azuurblauwe tegeltjes aan de buitenkant).
- Igreja de Boavista, Igreja do Carmo.
Verschillende pleinen, waaronder de Praça de Republica, Praça de Liberdade,
Praça de Marques Pombal (in het noorden), Praça de Batalha (waar we wachten op de bus naar
Coirnbra).
Het kermis- en tentoonstellingsterrein Feira Popular do Porto met mooi uitzichtpunt en met het
kristallen paleis, het Palacio de Cristal in de vorm van een koepel.
De Ribeiro. Dit zijn de kades aan de rivier de Douro. Een half Hollandse kaaskop
ontmoet
(dat waren zijn eigen woorden), half Oportees (van moederszijde), half
Nederlands (vaderszijde, van Schiedam), genaamd Antonio, . Hij was er havenmeester,
sprak nog redelijk Nederlands, had een kater, kortom een vreemd figuur. Maar we
vonden hem wel sympatico. We gingen samen met
hem in een kroegje "vinho verde" drinken: jonge wijn, erg zuur! De rest van
de dag bleef hij in onze maag branden en waren we licht in ons hoofd.
De Clérigos. Dit is de hoogste toren van Portugal. Hij is 76 meter hoog, heeft
zes tussenverdiepingen en je moet 225 trappen omhoog om de top te bereiken.
Gebouwd tussen 1754 - 1763, architect N. Nazoni (Italiaan). Beklommen en van uitzicht
genoten. Jos maakte foto's
van / voor drietal jonge Spaanse toeristen.
Praça de Joao I, het centrale plein, met het stadhuis. Omzoomd door pompeuze
bankgebouwen en hotels. In de buurt liggen veel cafeetjes, restaurantjes, het toeristenbureau.
In een groot café met meer dan 100 tafeltjes waaraan blokkende studenten zaten,
leerden we een andere Antonio kennen: tandeloos, 44 jaar, oud legionair,
arbeidsongeschikt, polyglot. Hij had in Angola en Mozambique gevochten.
De sfeer in dit soort zaken (officieel koffiehuizen, vergelijkbaar met de grote
çayhanes in Turkije) was zeer apart. Bijna
alle vierpersoonstafeltjes waren bezet, en wel door één man. Ja, man, want
vrouwen waren hier in geen velden of wegen te bekennen. Is Portugal nog steeds
een macho - maatschappij? Om sommige tafeltjes hadden zich kaarters geschaard,
maar de eenlingen zaten allemaal dikke boeken te lezen, aantekeningen te maken
of mistroostig voor zich uit te staren. Je kon er uren blijven rondlummelen
zonder dat obers je lastig vielen met gezeur om meer consumpties.
Verder nog bezocht:
de Universiteit, het Beursgebouw en Stationsgebouw (veel grote azulo’s, met vogeltjesmarkt!) en het
stadion van FC Oporto, die voetbalclub zou in dat jaar ver komen in de Europa Cup - wedstrijden.
In het pension verschillende keren karig ontbeten, het ontbijt is op het
Iberische schiereiland niet veel soeps. Achter het huis bevond zich
een groot terras, waar we ons regelmatig ophielden. In de cafeetjes dronken we
voornamelijk halve liters bier voor een prijs van ongeveer een gulden. Overdag
hielden we het wijselijk bij koffie en fris.
Magnifiek houtsnijwerk in de kathedraal, kerken en
kloosters
INFO OPORTO
Wanneer Lissabon de aristocraat van Portugal genoemd kan worden, dan moet
Porto gekenschetst worden als de werkman van Portugalde. Porto was reeds een welvarende handelsstad toen de hoofdstad nog slechts een Moorse
vesting was . Als middelpunt van
de porthandel en vele andere industrieën heeft Porto blijkbaar nooit veel
behoefte aan uiterlijk vertoon gehad. Er is zelfs een tijd geweest dat
edellieden geen huizen in de stad mochten bouwen. Maar ondanks haar reputatie
als werkbij heeft Porto aan kerken en musea veel te bieden de vroegromaanse kerk
Sao Martinho de Cedofeita is het oudste nog bestaande christelijk bouwwerk op
het Iberisch schiereiland.
Het bekoorlijkste stadsdeel vormen de kades, waar pastelkleurige huizen op een
granieten ondergrond zich aan de steile oevers van de Douro schijnen vast te
klampen. Er zijn drie bruggen, waarvan de spoorwegbrug, de 'Dona Maria Pia',
door Eiffel ontworpen is. 0p de zuidelijke oever van de Douro ligt de voorstad
Vila Nova de Gaia, het hoofdkwartier van de porthandel waar de wijn op fust ligt
te rijpen

 |