|
Zoutmijn Kopalni Solni
Op deze dag staan onze activiteiten in het teken van het werelderfgoed van
Unesco. We bezoeken de eeuwenoude zoutmijn Kopalni Solni in Wielicka, een stadje
onder de rook van Krakau. Bovengronds ziet het er met zijn schachttorens net zo
uit als een kolenmijn, ondergronds zijn de ruimtes en gangen echter veel groter.
Het is er druk, uitgestrekte parkeerterreinen zijn er dan ook niet voor niets.
We zijn al gauw aan de beurt, omdat we ons gewoon aansluiten bij een groep (max.
40 personen) Poolse bezoekers, dat blijkt nog goedkoper ook. Tekst en uitleg van
de gids ontgaan ons volkomen, maar dat deert ons niet. Voor een Engelstalige
gids zouden we bijna een uur hebben moeten wachten. Via een houten wenteltrap
dalen we naar 150 meter, 35 etages lager. De rondleiding duurt net geen twee uur
en voert ons langs ondergrondse meertjes, spleten en spelonken, sculpturen van
zout van werksituaties en natuurlijk de befaamde kapel met scènes in reliëf en
beelden van episodes uit de bijbel. Paus Jan Paul II ontbreekt uiteraard niet op
het appèl. Er staat zelfs een kraampje met souvenir in de gigantische zaal.
Gelukkig wordt er in een demo ook aandacht besteed aan de wijze van zoutwinning.
De mijn is prima onderhouden: de wanden en balken van de gangen zijn witgesausd,
de zouten vloer is mooi egaal. Vlakbij de uitgang (nu wél met de ietwat
krakkemikkige lift) bevindt zich zelfs een luxueuze balzaal en een duur
café-restaurant. Eenmaal boven is er nog een foto-expositie te bekijken.
Kalwariya
We laten de talloze kraampjes voor wat ze zijn en begeven ons naar Kalwariya,
een korte rit door een golvend, heuvelachtig landschap. Daar bekijken we de
uitbundige barokke kerk, waar de diepgelovigen van alle leeftijden op hun knieën
hun favorieten aanbidden. Rondom de kerk uit 1702 ligt een parkachtig geheel met
40 bouwsels uit 1600 die betrekking hebben op met name het leven en vooral
lijden van Jezus: het Paleis van Herodus, de rechtszaal van Pilatus, de stulp
van de Maagd Maria, het huis van Kajafas etc. Het is een heel populaire kruisweg
geworden. In de Goede Week wordt er een passiespel gehouden dat meer dan 100.000
bezoekers trekt. Deze plaats is na de berg Jasna Gora in Czestochowa met zijn
Zwarte Madonna het tweede bedevaartsoord van Polen. Het hellende plein voor de
kerk is omringd met reusachtige apostelbeelden en biedt plaats aan duizenden
gelovigen. Het hele ensemble staat ook op de werelderfgoedlijst van de Unesco.
Zoutmijn van Wieliczka
(Krakau, Polen)
Labyrintachtige middeleeuwse zoutmijn met fraaie zoutbeelden
Wieliczka was voor zover bekend
een van de oudste plekken in Europa waar op commerciële basis zout
werd gewonnen. In de 8e eeuw werd er voor het eerst steenzout
ontdekt in Wieliczka en tot 1992 werd hier onafgebroken zout
gewonnen. De mijn kent negen niveaus en reikt tot 327 meter diepte.
Er zijn 2040 kamers, gangenstelsels met een totale lengte van meer
dan 300 km, 26 oppervlakteschachten en zo'n 180 verbindingsschachten
tussen de negen niveaus. Daarnaast bevat de mijn verrassend genoeg
ook kapellen, religieuze voorstellingen en beelden van zout die
werden vervaardigd door de mijnwerkers. Er zijn ook zoutmeren waarop
in kleine bootjes kan worden geroeid. Een groot deel is nu open voor
het publiek.
Er zijn meerdere kapellen in de
mijn, maar de oudste is de barokkapel van Sint-Antonius, waar in
1698 de eerste mis werd opgedragen. Naast altaren en gedetailleerde
bas-reliëfs bevat de kapel ook een aantal vrijstaande, uit
zoutblokken gehakte beelden, zoals een van de maagd Maria en van
Sint-Antonius als baby, de patroonheilige van metaalmijnwerkers. De
grootste kapel is die van Sint - Kinga, de patroonheilige van de
lokale mijnwerkers. Het werk aan deze kapel begon in 1896 en ging
met tussenpozen door tot 1963. De hele kapel is van hoog tot laag
uitgehakt uit het zout, inclusief het altaar en andere versieringen,
waaronder de opmerkelijke kroonluchters van zoutkristallen die in
1918 werden voorzien van elektriciteit.
Ook diverse andere ruimten zijn
gewijd aan religieuze of Poolse historische figuren. De vrolijkste
is de mijnschacht Kunegunda met uitgehakte kabouters in de vorm van
zwoegende mijnwerkers – een knipoog naar het mijnwerkersleven, maar
ook naar de Poolse folklore. |
INFO IN HET DUITS:
Wieliczka Das Salzbergwerk, Atlantis aus Salz
Unter der polnischen
Kleinstadt Wieliczka im Karpatenvorland, liegt das Salzbergwerk
von Wieliczka.
Es ist eine phantastische
Kunstwelt ganz aus Salz, die von Bergleuten in
jahrhundertelanger Arbeit geschaffen wurde. Künstliche Seen und
bizarr geformte Höhlen, Kapellen und Kathedralen, sowie
lebensgroße Figuren sind in diesem "Atlantis aus Salz" zu sehen.
Hier wird der Mythen- und Legendenschatz der Bergleute ebenso
wie die Geschichte des Bergwerks lebendig.
Der Film schweift durch ein
geheimnisvolles Labyrinth, durch Stollen und stillgelegte
Abbaukammern mit gewaltigen hölzernen Stützgerüsten. Durch
Kapellen, in denen zum Teil heute noch Messen gelesen werden.
Der Film zeigt auch, wie der Salzabbau früher vor sich ging,
welche Gefahren es gab und welcher Hilfsmittel man sich
bediente.
Es ist die Geschichte einer
versunkenen Welt, die gleichermaßen von der Natur wie von
Menschen geschaffen wurde.
Daten & Fakten
Kulturdenkmal: seit dem 13.
Jh. betriebener Abbau von Salz auf neun Hauptsolen bis auf eine
Tiefe von 315 m
UNESCO-Ernennung: 1978
1119 urkundliche Erwähnung
von "Magnum Sol" (altpolnisch "Wielika Sol")
1290 der Legende nach
Beginn des Salzabbaus
14. Jh. Abteufung neuer
Schächte durch 60 sächsische Bergleute
1897-1927 aus Salz
skulptierter Nikolaus Kopernikus
1950 teilweise Umgestaltung
zum Museum und Besucherbergwerk
1996 Salzvorkommen nahezu
abgebaut |
We blijven er niet lang. We keren via redelijke, maar veel te drukke wegen terug
naar Krakau. In een voorstad slaan we bij de supermarkt Carrefour bier in;
tevens eten we daar, Jos vis en Clim gewoon een halve haan. We nemen een
foutieve afslag en rijden daardoor Krakau van de “verkeerde” kant binnen, vanuit
het oosten. We moeten dwars door de drukke binnenstad naar de andere kant.
Vooral voor de trams moeten we oppassen, die zijn we in Nederland niet gewend.
Gelukkig zijn fietsers in Polen een zeldzaamheid. Pas om zeven uur rijden we de
hotelparkeerplaats op.


|