|

Park bij de Wawel
EERSTE DAG
| Binnendoor rijden we verder naar Krakau over abominabel
slechte en drukke wegen. Als we in de stad bij de Wawel -burcht de
rivier zijn overgestoken, zegt Jos de weg te weten. Dat klopt, maar
vanwege eenrichtingsverkeer kunnen we nergens afslaan, zodat we buiten
de stad geraken. We keren terug en het is dan nog een hele tour om
zonder goede stadskaart ons Novotel te vinden in een noordelijke wijk
aan een drukke uitvalsweg. We missen ook nog eens de ingang naar het
hotel, wat ons in totaal een uur oponthoud oplevert. Enfin, tegen zessen
kunnen we eindelijk inchecken. Parkeerplaats buiten voor het hotel,
bewaakt uiteraard. Ze hebben er geen rokerskamers meer, maar Jos dringt
aan en weet te bewerkstelligen dat we op de eerste etage tussen de
Israëlische jeugd terecht kunnen. Al het noodzakelijke is op de kamer
aanwezig, alleen de minibar is gesloten. Je kunt de sleutel verkrijgen
tegen storting van een borgsom. Dat weigert Clim categorisch. We eten
die avond in het naar onze smaak iets te chique hotel-restaurant (fusion
keuken: wel lekker, maar niet veel), waar we worden gestoord door een
kring volgevreten en luidruchtige middenklas - Amerikanen. Koffie en
bier drinken we in Le Bar, waar we van een timide en gedienstige
barjuffrouw op leeftijd nootjes aangeboden krijgen. We hebben vandaag de
Tour gemist, maar als compensatie bekijken we een wedstrijd WNBA,
vrouwenbasketbal in de USA, wat eigenlijk veel leuker is. Daar gebeurt
tenminste nog iets en hoef je je niet af te vragen wie er nu wel of niet
doping heeft gebruikt. |
 |
Met stijgende verbazing bekijkt Jos 's morgens in de lobby een grote groep
gezette vrouwen van middelbare leeftijd uit Israel die in een kring oefeningen
staan te doen en na afloop in een polonaise - rij giechelend elkaars rug
masseren. Waarom doen ze zoiets niet buiten? Nu staan ze iedereen gewoon in de
weg, ze versperren gewoon de in- en uitgang. Ons is al eens eerder in andere
landen opgevallen dat reizigers uit Israel niet overal even populair zijn,
gezien hun arrogante optreden en soms regelrechte onbeschoftheid kunnen we ons
dat levendig voorstellen. Ze zijn immer ontevreden, tonen zich altijd
verongelijkt en stellen vaak absurde eisen zonder rekening met anderen te
houden.
 |
 |
| Rynek |
Terrasjes |
Enfin, we vertrekken met de stadsbus naar het centrum. Kosten 2,5 zloty, nog
geen euro. Het is regenachtig weer. Na
een kapucijnerkerk (een van de vele kerken in deze stad) drinken we koffie in
Coffee Heaven, een aardig tentje met sterke en smakelijke koffie. Als we op het
befaamde marktplein, de Rynek, aankomen begint het hard te regenen. De zo
bejubelde gevels vallen tegen, zeker als je ze vergelijkt met die van de
marktpleinen in Breslau en Zamosc. De grote Maria - kathedraal met zijn half
afgebouwde toren (de tweede heeft wel een spits) wordt onze schuilplaats. De
vele toeristen hebben een aparte ingang waar entree geheven wordt. Gelovigen
mogen door de hoofdingang gratis naar binnen. In de kerk wordt streng
gecontroleerd of je ook een foto permit hebt. Bij de ingang houden zich de
onvermijdelijke bedelende zigeunervrouwen met zielige kindertjes op. We hebben
al zo veel kerken in ons reisleven gezien dat deze in onze ogen niet erg
bijzonder is. We lopen nog wat andere kerken binnen, meestal kleinere die bij
kloosters en conventen horen. Een van de grotere (de Dominicaner kerk, wie zal
het zeggen? In iedere geval uit de 19e eeuw) is aan het wegzakken in de
drassige bodem, zoiets als de kathedraal van Mexico City. De houten koor– en
biechtstoelen zijn hier heel fijn uitgewerkt. In veel kerken worden relikwieën
van heiligen vereerd; verschillende keren zien we ook replica’s van de lijkwade
van Turijn. Vlakbij zitten we in de planty (de groengordel rondom de oude stad)
onder de paraplu op een bank uit te rusten en sigaretjes te paffen.

| HISTORISCHE BINNENSTAD Ondanks
dat Krakau rond de 800.000 inwoners heeft, is het moeilijk er te
verdwalen. Alle straten in het relatief kleine centrum leiden naar
het imposante Glówny Rynek (Hoofdmarktplein); met zijden van 200
meter een van grootste pleinen van Europa. Het is omringd door
pastelkleurige panden uit de 14de tot en met 18de eeuw en in het
hart pronkt Sukiennice. Deze rijk versierde lakenhal uit de 14de
eeuw was eeuwenlang het centrum van de stadshandel. Tegenwoordig kan
men er souvenirs en volkskunst kopen. Een ander niet te missen
gebouw op het plein is de Mariakerk, die met haar twee torens ver
boven het marktplein uitrijst. Vanuit de hoogste toren speelt een
trompettist elke uur, dag en nacht een melodie, die plotseling wordt
onderbroken. Het is ter nagedachtenis aan de aanval door de
Tartaren. Het verhaal gaat dat een Krakause schildwacht in de 13de
eeuw met zijn trompet alarm sloeg toen hij de vijand zag. Maar al na
een halve minuut werd hij geraakt door een pijl. Precies op dat punt
stopt de muziek.
Het interieur van de Mariakerk is een en al katholieke pracht en
praal. Vooral het hoofdaltaar doet de ogen samenknijpen. Het
metershoge drieluik is verguld en geheel uit hout gesneden door een
15de-eeuwse beeldhouwer. Ook hedendaagse kunstenaars krijgen in
Krakau gelegenheid hun werk aan publiek te tonen. En wel op een
bijzondere plek: aan de eeuwenoude verdedigingsmuur Florianska
Poort, te voet te bereiken vanaf het Hoofdmarktplein via de drukke,
doch gezellige winkelstraat Florianska. Een populair thema dat
terugkomt in de schilderijen is De dame met de hermelijn. Niet
verwonderlijk, want het originele schilderij van Leonardo Da Vinci,
hangt vlakbij de poort in het Czartoryskich Museum. De rest van de
verdedigingsmuur heeft plaatsgemaakt voor het park Planty, een oase
van rust die het hele centrum omsluit. |
 |
 |
| Historische gebouwen |
Barbican |
In de Franciscaner kerk vallen de mooie glas-in-loodramen op, onder meer in
Jugendstil - stijl. Even verderop wordt in de open lucht in een park een
foto-expositie van de laatste twee pausen gehouden. Weer terug op de Rynek
drinken we koffie met o.a. Schwarzwalder Kuchen. Het is nu droog en we kunnen de
markt wat beter bekijken. De Lakenhal is Italiaans van snit, de benedenetage is
volledig bezet met doorsnee souvenirwinkels met o.a. veel sieraden van
barnsteen. Om 12 uur begint op een van de kerktorens een trompetter te spelen.
Hij stopt heel abrupt, volgens de legende werd hij toen door een Mongoolse pijl
gedood. Het hele plein is omringd door terrassen van cafés en restaurants.
Door een winkelstraat bereiken we de bakstenen Barbican met torentjes bij de
noordelijke stadsmuur, hij is goed geconserveerd. We lopen er rond en bekijken
er een weinig inspirerende expositie over middeleeuws Krakau. We lopen rondom
het bombastische Nationaal Theater en eten in een onderaards gewelf, waar je het
eten afrekent naar gewicht. Het lijkt een beetje op een Turkse lokanta in de
stijl van een gaarkeuken met grote bakken van kant-en-klare gerechten. We mogen
er roken, net zoals in de meeste restaurants en cafeetjes. Als er al een
afgesloten ruimte is, dan is die gereserveerd voor de niet-rokers. Clim vindt
dat (h)eerlijk! Polen is (nog) een van de meest rokersvriendelijke landen van
Europa.
Bij het station willen we een taxi pakken, maar die staan elders geparkeerd. De
rit terug naar ons hotel duurt toch nog een kwartier. We zijn allebei moe
ondanks het feit dat we niet echt grote afstanden te voet overbrugd hebben.
Kaart van Krakow
/ Fotocollage
Krakow

TWEEDE DAG
Vandaag verkennen we het zuidelijke gedeelte van de stad. We gaan er weer met de
bus naar toe. Er staat een aantal kerken op het programma, onder andere die van
Sint Anna en de hele mooie Petrus– en Pauluskerk met een dozijn levensgrote
heiligenbeelden op de toegangshekken. We wippen enkele universiteitsgebouwen
(aan de Studencka Ulica…) en een seminarie binnen. In het laatste gebouw wordt
de Poolse Paus vereerd als ware hij heilig verklaard. Heel bijzonder is het
Collegianum Marianum met een Italiaanse binnenhof; het is nu een museum (waar we
niet naar binnengaan). Ook passeren we het Bisschoppelijk Paleis, waar de
bovenvermelde paus gezeteld heeft. Zijn stoel zal daar wel een uiterst gewilde
toeristische trekpleister zijn.
Wawel
We lopen de grote straat Grodezka af en zoeken naar de Kanoncka Straat, die is
ons door de reisgidsjes aanbevolen. Er zou het huis van de schrijver Joseph
Conrad (ja, dat was een Pool) staan, maar de gevels hier vallen ons tegen. Komt
misschien ook door het bewolkte weer, met regelmatige, kortstondige buitjes.
Als we de heuvel van Wawel beklimmen, wordt ons duidelijk dat we ons in het hart
van de toeristische kermis begeven. Lange rijen voor de kassa’s en verplichte
toergroepen van maximaal 10 mensen met gids doen ons besluiten geen van de
gebouwen van binnen te bekijken, maar te genieten van het zonnetje dat
plotseling is doorgebroken. We herkennen het gehele ensemble van paleis, kerk en
museum van de vele foto’s die we op internet en elders hebben gezien. Een en
ander is goed onderhouden en maakt desondanks toch nog een authentieke indruk.
Uitgebreide bloemperken met exotische flora in bloei geven het historische beeld
een vriendelijk aanzien. We bestellen er watertjes op een terras. Aan de voet
van de vesting stroomt de Wisla, hier nog niet zo breed. Verderop zijn de torens
te ontwaren van het oude stadsdeel Kazimierz. Daar lopen we naar toe, het is
maar een korte wandeling. Op weg naar beneden treffen we nog een foto-expositie
aan over de slachtpartij van Katyn (zie elders in dit verslag).
 |
 |
| Wysoka - synagoge |
Joodse begraafplaats
|
Kazimierz
Vroeger werd deze wijk vooral door Joden bewoond, getuige de vele synagogen die
er de laatste tien jaar vanwege de toeristen heropend zijn; de restauratie is
vaak financieel ondersteund door rijke Amerikanen. We bezoeken er enkele. Entree
wordt er niet geheven, maar een donatie is min of meer verplicht. Donaties zijn
namelijk belastingvrij, vertelt ons een bezoeker. De mooiste is de Wysoka - synagoge,
vooral het interieur is van belang. De Isaak - synagoge maakt alleen maar
propaganda voor Israel. Bij de Rumah -synagoge (weer eens veel Amerikanen) ligt
nog een sfeervol kerkhof waar men nog steeds graven aan het opdelven is. Op dat
van Praag na is deze Joodse begraafplaats de oudste van Europa. Deze laatste
ligt aan het Szerpka - plein met veel cafés en restaurants waar je Jiddisch kunt
eten en klezmermuziek kunt beluisteren. Wij kiezen echter voor een Indisch
restaurant met als hoofdgerecht curry, geen
koosjer eethuis voor ons dus. In de wijk liggen nog meer herinneringen aan
Joden, maar die laten we links liggen.
Joodse Wijk
Onder de regeerperiode van zijn zoon, Zygmunt II (in de 16de eeuw),
was Polen het meest tolerante land in Europa en werd het een
toevluchtsoord voor met name joden die elders vervolgd werden. Begin
20ste eeuw woonden in Polen het grootste aantal joden in Europa. In
Krakau woonden tot de Tweede Wereldoorlog zo'n 70.000 joden, met
name in de wijk Kazimierz. Het huidige centrum van de wijk vormt de
straat Szeroka met vele joodse cafés en restaurants. Bijzonder in
deze straat is de eeuwenoude joodse begraafplaats Remuh naast de
gelijknamige synagoge, waar nog steeds diensten gehouden worden.
Veel grafstenen werden verwoest door de nazi's, maar een deel
overleefde de oorlog. Ze werden over het hoofd gezien, omdat ze
waren bedekt onder een hoop zand. Een andere belangrijke plek voor
joden is de Oude Synagoge. Dit 15de-eeuwse gebouw is het oudste nog
bestaande joodse gebedshuis van Polen. Het werd na de oorlog
gerenoveerd en is nu een museum. Aan veel andere panden rond de
hoofdstraat, waaronder het geboortehuis van cosmeticakoningin Helena
Rubenstein, is na de oorlog niets meer gedaan. De vervallen gebouwen
markeren de wonden uit het verleden. Steven Spielberg vond het dan
ook het perfecte decor voor zijn beroemde film Schindler's List over
de jodenvervolging en het joodse ghetto in Krakau.
Getto Heldenplein
In werkelijkheid was het getto aan de andere kant van de Wisla in de
wijk Podgorze. Eind jaren '30 werden de joden in Kazimierz door de
nazi's gedwongen zich hier te vestigen. Er woonden tussen 1941 en
1943 ongeveer 60.000 joden op 20 hectaren. Vanuit het centrale plein
van de wijk werden ze gedeporteerd naar vernietigingskamp
Auschwitz. Rondom dit plein, dat nu het Getto - Heldenplein heet,
staan nog steeds de gebouwen waar destijds joden woonden. Even
verderop is de fabriek van Schindler te vinden; nu een museum. |
 |
 |
| Toegangspoort Wawel |
Binnenplein Wawel |
De armoedige sfeer van het oude Oost - Europa hangt hier nog steeds, ondanks de
toeristen en de Poolse yuppen en kunstenaars die zich hier gevestigd hebben: de
huizen zijn er bouwvallig, de pleisterkalk van de muren bladdert af, de
beklinkerde straten zijn ongelijk en vertonen gaten. In deze grauwe en
naargeestige omgeving liggen wel nog enkele fraaie kerken. Een van die
kloosterkerken heeft schitterend houtsnijwerk, de preekstoel bijvoorbeeld heeft
de vorm van een zeilschip. In de kerken zitten doorgaans oude vrouwtjes die
bidprentjes aan de man moeten brengen, maar die er ook voor waken dat de
buitenlandse bezoekers geen foto’s maken. In Poolse kerken is dit een vorm van
heiligschennis, tenzij je ervoor betaalt natuurlijk. We passeren nog het
stadhuis in Italiaanse stijl en gaan vervolgens op zoek naar een restaurant. Terug naar de oude stad, waar we als laatste nog de St.
Bernard - kerk bekijken. Een goedkope taxi brengt ons naar het hotel.
Rijke geschiedenis
Niet alleen het Hoofdmarktplein en haar directe omgeving, maar de
hele stad ademt cultuur en historie. Een belangrijk deel van de
Poolse geschiedenis speelde zich of in het koninklijk paleis Wawel.
Dit imposante kasteel, gebouwd op een heuvel langs de rivier de
Wisla, werd ruim 500 jaar bewoond door Poolse koningen. Hier vanuit
bestuurden zij het koninkrijk, dat heel lang een van de grootste
rijken van Europa was. Het strekte zich uit vanaf de Oostzee tot aan
de Zwarte Zee, met het huidige Wit-Rusland en grote delen van
Oekraïne binnen haar grenzen. Onder koning Zygmunt III werd het hof
in de 17de eeuw verplaatst naar Warschau, maar het Krakause paleis
bleef bewaard. In de 71 vertrekken zijn koninklijke portretten,
eeuwenoude meubels en wandtapijten te bezichtigen. Ook niet te
missen is de naastgelegen kathedraal, waar de koningen gekroond en
begraven werden. Vooral het graf van koning Zygmunt I en zijn
familie in een kapel met gouden koepel wordt geroemd. De wand is
versierd met prachtige gebeeldhouwde figuren. |

Kaart van Krakow
/ Fotocollage
Krakow
MEER INFO KRAKOW I
Krakow (751.300 inwoners), gelegen in het zuiden van Polen aan de voet van de
Karpaten, was een half millennium lang de hoofdstad van een koninkrijk en is,
doordat het op wonderbaarlijke wijze door het oorlogsgeweld is ontzien, het
geheugen van Polen. Vanaf de berg Wawel ziet het kasteel, de vroegere residentie
van de koningen en bisschoppen aan de oever van de Wisla, uit over de stad. De
kerktorens in de oude stad rijzen omhoog vanuit een ring van tuinen, waaronder
de Planty. Deze tuinen zijn aangelegd op de plaats van de vroegere stadsmuur,
waarvan alleen de Sint Florianpoort en het ravelijn van over zijn. De
architectonische waarde is zo groot dat de Unesco het historische centrum zonder
aarzeling bovenaan op de Werelderfgoedlijst heeft geplaatst. De straten kruisen
elkaar loodrecht. Het middelpunt is het Marktplein (de Rynek), waar nog altijd
de Lakenhal staat evenals de koepelvormige torens van het stadhuis en van de
O.L.V.-kerk en de
Adelbert ‑ kerk. Krakow is een stad vol bezienswaardigheden, waar toeristen uit
de hele wereld gotische en renaissancistische monumenten, oude huizen en musea
kunnen bewonderen. Maar er moet ook gewerkt worden. Op 10 km van Krakow zindert
de nieuwe industriestad Nowa Huta, die vlak na de Tweede Wereldoorlog door de
communisten is gesticht. Hier zijn de staal- en zware metaalindustrie
samengebracht die naast de landbouw de speerpunt zijn van de economie voor de
hele regio.
Stad van legenden
Krakow heeft geen barnsteenhandelaren meer, maar koestert zijn architectonische
schatten.
 |
 |
 |
| Het katholicisme is
overal in Polen aanwezig. |
BRONNEN VAN INKOMSTEN
Industrie: werktuigbouw, elektrische apparaten, geneesmiddelen, textiel.
Drukkerijen, tabaksfabrieken. Toerisme.
De raadselachtige oorsprong van Krakow begint met de legendarische Slavische
vorst Krak, stamhoofd van de Wislanen en bouwer van de vesting van Wawel in de
7e eeuw. Rond het jaar 1000 schonk Bolestas I Krakow zijn eerste bisdom en pas
in 1038 werd het de hoofdstad van een vorstendom in het land dat werd geregeerd
door Kazimir I de Vernieuwer. De ellende begon in 1241 toen de Tataren de stad
in brand staken en verwoestten. Na de wederopbouw met hulp van Duitse
kolonisten werd Krakow aan het begin van de 14e eeuw door Ladislas I uitgeroepen
tot hoofdstad en begraafplaats van de koningen van Polen. In 1364 kreeg de stad
een universiteit. Met de Renaissance brak een gouden eeuw aan. Krakow genoot
toen hoog aanzien vanwege zijn cultuur, wetenschappen en intellectueel leven.
Nadat aan het einde van de 16e eeuw de hoofdstad was verplaatst naar Warschau
werd de stad belegerd door de Zweden en werd in 1795 ondergeschikt aan de
Oostenrijkers. Na de inname door Napoleon in 1809 kwam de stad in 1846 opnieuw
in Oostenrijkse handen om tenslotte in 1918 weer Pools to worden. Tijdens de
Tweede Wereldoorlog werden duizenden joodse inwoners weggevoerd. Na de
bevrijding in 1945 ging de stad tot 1981 gebukt onder het communistische juk.
BEZIENSWAARDIGHEDEN
De Sint-Florianpoort, het Czartoryski - museum, de O.L.V-kerk, het Marktplein,
de universiteit, het koninklijk kasteel, de Wawel, de kathedraal, de Oude
Synagoge.

RONDRIT OMGEVING
|
 |
We verslapen ons een beetje en verschijnen dan ook een uur later dan normaal
bij het ontbijt. Het is een bewolkte dag, maar dat let ons niet om de omgeving
per auto te gaan verkennen. We rijden oostwaarts door een industrie– en later
landbouwstreek naar Tarnow, een middelgroot provinciestadje. Daar is het net
marktdag, waardoor alle parkeerplaatsen in en rondom de binnenstad bezet zijn.
We doen verder maar geen moeite een plek te bemachtigen en rijden de omringende
heuvels in.
Direct al valt ons een opvallend moderne, gloednieuw gebouwde kerk op. In ons
landje worden de bedehuizen een voor een gesloopt of krijgen ze een andere
bestemming; hier in Polen worden aan de lopende band nieuwe kerken gebouwd, de
een nog gewaagder dan de andere. In de verte zien we nog een karakteristieke
sacrale nieuwbouw uit het land oprijzen. Een stukje verderop treffen we het
tegendeel aan: een eeuwenoud houten kerkje op een heuvel, deze kerkjes in
Zuidoost - Polen staan ook op de Unesco - lijst, dus Jos is verguld. Als we er
binnenstappen, deinzen we terug. De ruimte zit vol jeugdige Poolse studenten die
muisstil aan het mediteren zijn. We willen hen niet storen en inspecteren de
oude begraafplaats nabij. Het kerkje wordt omgeven door oude, machtige bomen
binnen een witte muur; het heeft veel weg van de stavkirken die zo typisch zijn
in Noorwegen. Als de gelovige Poolse twintigers hun bus hebben opgezocht zijn
wij aan de beurt om de oeroude geur binnenin op te snuiven. Erg apart is het
niet, wel antiek en natuurlijk is alles er van hout gebouwd.
|
| |
|
| |
|
 |
 |
| Houten kerkje |
Soldatenkerkhof |
Bij toeval ontdekken we een afslag naar een oorlogskerkhof. Dit ligt midden in
een bos en we moeten even zoeken voor we het vinden. Het betreft gesneuvelde
soldaten uit WO I, vooral Russen en Oostenrijkers. De kruisen zijn voornamelijk
overwoekerd, maar de namen zijn nog goed leesbaar. Nabij in het dorp Tychow
liggen nog meer Kriegerfriedhöfe, maar die kunnen we niet vinden. In Polen (waar
vaak en veel veldslagen zijn uitgevochten) liggen honderden van deze kleine
kerkhoven. De meeste worden niet goed onderhouden, want het betreft dikwijls
gevallen soldaten van voormalige vijanden. In een dal ligt een dorpje met een bakstenen kerk uit de negentiende eeuw
verscholen.
Fotocollage
Krakow
MEER INFO KRAKAU / KRAKOW II
Hoewel Krakau in elk seizoen wel iets speciaals te bieden heeft,
is de beste reisperiode het voor- en najaar. De stad kent strenge winters en
hete zomers. Het weer in de lente en herfst leent zich perfect voor lange
stadswandelingen en luieren op een van de vele gezellige terrassen die het
eeuwenoude centrum rijk is. Bovendien wordt dit jaar het 750-jarig bestaan van
`de culturele hoofdstad van Polen' gevierd.
De reis
Luchtvaartmaatschappij Sky - Europe vliegt drie keer per week
binnen twee uur naar Krakau. Een retourticket is er vanaf 120 euro inclusief (www.skyeurope.com
). Andere maatschappijen zijn duurder en vliegen niet rechtstreeks
(www.lot.com
,
www.lufthansa.com ). De luchthaven ligt zo'n
10 kilometer van het centrum en is per bus (1 euro), trein (2 euro) of met de
taxi (20 euro) te bereiken.
Studentenstad
Als groot liefhebber van kunst en wetenschap stichtte Koning
Kazimierz de Grote (naar hem is de joodse wijk vernoemd) in de 14de eeuw de
Academie Krakow (nu Universiteit Jagiellonski). Met haar arcadebogen en
pittoreske binnenplaats is het oudste universiteitsgebouw Collegium Mains, waar
Copernicus ooit studeerde, een bezienswaardigheid. Tegenwoordig wonen ruim
100.000 studenten in de stad. En dat is te merken aan de talloze bars,
discotheken en goedkope restaurants. Pizza's, gyros, kebab, alles is te krijgen.
Voor de echte Poolse keuken kunt u onder meer terecht bij Chlopskie Jadlo of het
iets duurdere Jarema, waar Poolse livemuziek wordt gespeeld.
Eten en drinken
Aanrader is zürek, een machtige soep met aardappelen, spekjes en
ei. Als hoofdgerecht molten de pierogi, deegkussentjes gevuld met vlees, fruit
of aardappels, ook erg smaken. Na het eten is er nog genoeg tijd om door te
zakken in een van de vele kroegen. Wie niet overspoeld wil worden door dronken
Engelsen (een keerzijde van het goedkope lokale bier) doet er goed aan een
drankje te nuttigen in het befaamde Jama Michalika. Dit café met interieur in
Art Nouveau - stijl is vanouds de ontmoetingsplaats van Krakause intellectuelen.
Accommodatie
Krakau wordt elk jaar populairder bij toeristen. Daar lijkt de
stad nog niet op voorbereid. Hoewel in het centrum tientallen hotels zijn te
vinden, is het met name in de zomer moeilijk een kamer te krijgen. Van tevoren
reserveren is dus noodzakelijk. De website
www.cracowonline.com zet alle overnachtingsplekken, van budget hostels tot
luxe hotels, op een rij.
Omgeving
Krakau is een goede uitvalsbasis voor interessante dagtripjes in
de omgeving. Zo ligt op nog geen twintig kilometer afstand één van de oudste
zoutmijnen ter wereld: Wielicka. Op ruim honderd meter diepte volgt de bezoeker
een route langs uit zout gehouwen standbeelden van historische en mythische
figuren. Absoluut de moeite waard. Wie meer tijd heeft kan een bezoek brengen
aan Auschwitz (60 km) of het geboortehuis van paus Johannes Paulus II in
Wadowice (38 km). De Paus was overigens verliefd op Krakau. Hij vertoefde er zo
vaak als hij kon. En u hoeft niet katholiek te zijn om te begrijpen wat hij
voelde.
Uit: Algemeen Dagblad (2007)


|