|
De
vorige dag hebben we 256 kilometer afgelegd, waarvan 140 km op de betaalde
autobaan (à péage). We staan om half acht op en krijgen een redelijk ontbijt
geserveerd in het vergaderzaaltje van het café. Jos moet wel even naar onze
picknickmand in de auto om kaas en leverpastei te halen… Voor 10 uur zijn we
weer op pad, richting Verdun. We volgen de weg uit de Tweede Wereldoorlog die de Amerikaanse generaal en
houwdegen Patton met zijn tankbrigade vanaf Normandië tot aan Bastogne in de
Belgische Ardennen gevolgd heeft, de
zogenaamde “Voie de la Liberté”. Om de kilometer staat er een paaltje met een
vrijheidsvlam als versiering. De weg uit de Eerste Wereldoorlog waarlangs de
troepen in Verdun versterkingen en uitrusting kregen heet "La Voie Sacré"
en ligt in de buurt. Die route wordt gemarkeerd met 'bornes' (paaltjes) met een
helm er op. (Met dank aan de heer Houtzager die onze aanvankelijk foutieve
informatie gecorrigeerd heeft. Voor meer info: zie zijn website
1200 km).
Vlak voor
Verdun
bezoeken we een
veld voor gevallenen in WO I, Glorieux geheten. Het is een verwaarloosd kerkhof
waar buiten de duizenden kruisen niets bijzonders te zien is. Via het centrum
van de stad rijden we door naar Douamont, een
streek ten noorden van de stad waar de slagvelden hebben gelegen. Daar stoppen
we voor drie bezienswaardigheden:
|

Oude vestingstad, waarvan nog resten van de wallen van Vauban
bestaan.
Verdun is het symbool van een van de grootste veldslagen uit de
geschiedenis. In het centrum (Rue Mazel) enorm monument van de
Victorie, bekroond dooreen kolossaal maar artistiek matig geslaagd
ruiterstandbeeld; in de crypte (toegang vrij) het Gouden Boek der
Strijders. In het huis La Princerie, 16de eeuw, met galerijen uit
16de eeuw: museum (middeleeuws regionaal beeldhouwwerk).
De kathedraal Notre Dame, Rijnlands-Romaanse stijl (2 absissen en
2 transepten tegenover elkaar), gewelven, 13de-14de eeuw, verbouwd
18de eeuw, bezit een mooie Romaanse crypte; laat-gotische
kloosterhof, begin 16de eeuw, het merkwaardig portaal 'du Lion' (leeuw),
begin 12de eeuw, weelderige Romaanse sculptuur; bisschoppelijk
paleis, 18de eeuw. Door de Chatel-poort, 12de eeuw, komt men op de
Esplanade de la Roche aan de voet van de citadel (oorlogsmuseum; 7
km onderaardse gangen waar in de Eerste Wereldoorlog constant 10.000
mannen leefden; dagelijks geopend). Vóór de St-Paulspoort
bezienswaardig monument van Rodin, L'Appel aux Armes.
MEMORIAL

MEER INFO
Verdun is een oude vestingstad, waarvan nog resten van de wallen van
Vauban bestaan. Verdun is het symbool van een van de grootste
veldslagen uit de geschiedenis. In het centrum (rue Mazel) enorm
monument van de Victorie, bekroond dooreen kolossaal maar artistiek
matig geslaagd ruiterstandbeeld; in de crypte (toegang vrij) het
Gouden Boek der Strijders. In het huis La Princerie, 16de eeuw, met
galerijen uit 16de eeuw: museum (middeleeuws regionaal
beeldhouwwerk). De kathedraal NotreDame, Rijnlands-Romaanse stijl (2
absissen en 2 transepten tegenover elkaar), gewelven, 13de-14de
eeuw, verbouwd 18de eeuw, bezit een mooie Romaanse crypte;
laat-gotische kloosterhof, begin 16de eeuw, het merkwaardig
portaal'du Lion'fleeuw), begin 12de eeuw, weelderige Romaanse
sculptuur; bisschoppelijk paleis, 18de eeuw. Door de Chatel-poort,
12de eeuw, komt men op de Esplanade de la Roche aan de voet van de
citadel (oorlogsmuseum; 7 km onderaardse gangen waar in de Eerste
Wereloorlog constant 10.000 mannen leefden; dagelijks geopend). Vóór
de St-Paulspoort bezienswaardig monument van Rodin, LAppelauxArmes.
Omstreken - Routes over de slagvelden van Verdun.
Rechteroevervan de Meuse (Maas) via de avenue de la 42de Division,
de Faubourg-Pavé en de N 18 naar het NNO: Fort de Vaux (rondleiding
mogelijk, museum van de Eerste Wereldoorlog), plek van de hevige
gevechten in 1916, ruïne van het Fort de Souville (monument voor
minister Maginot). Dicht bij het kruispunt van de kapel Sainte-Fine
gedenkteken van Verdun en 'Musée du Souvenir' (Gedachtenismuseum,
gesloten in december); het grote Ossuaire de Douaumont, enorm maar
stijiloos monument, bekroond door een kolossale Dodenlantaarn
(dagelijks te bezichtigen), met 46 sarcofagen, die overeenkomen met
de voornaamste sectoren van het slagveld van Verdun; enorme
nationale begraafplaats met 15.000 graven; interessant zijn ook het
Fort de Douaumonten het 'ravijn des Doods'; een sober betonnen
monument overdekt de tragische 'loopgraaf van de bajonetten'.
Linkeroever over de N 64 en de N 38 NNW: Le Mort Homme, beboste
heuveltop waar in 1916-18 bitter om is gevochten (monumenten) en de
Cóté 304, knelpunten in de verdediging van Verdun; in het W: de
heuvel Vauquois; in het Z: Varennes-en-Argonne*, waar in 1914-18
verschrikkelijke gevechten plaatsvonden; NNW: de heuvel Montfaucon:
Amerikaans gedenkteken; groot oorlogskerkhof van
Romagne-sous-Montfaucon (zie Varennes-en-Argonne). - Z: over de N 3,
de Côtes de Meuse en ZO, over de D 154: Les Eparges en de bergkam
van Les Eparges (gedachtenismonumenten van de gevechten van 1915),
de strategische weg, bekend als Tranchée de Calonne, die de bergkam
van Woëvre volgt tot Hattonchátel.
Ossuaire (Knekelhuis)
Een groot gedeelte van de soldaten die stierven op het strijdtoneel
rond Verdun vielen zonder met de vijand oog in oog te hebben
gestaan. De granaat was verantwoordelijk voor de dood van het
merendeel van de gesneuvelden. De aard van deze doodsoorzaak bracht
met zich mee dat veel lijken zo gruwelijk verminkt waren dat
identificatie niet meer mogelijk was . Nadat de vijandelijkheden
beëindigd waren stond men dan ook voor de vraag wat te doen met het
enorme aantal kadavers die zich nog op de slagvelden bevonden. Het
aantal gevallenen was op sommige plekken zo groot dat als alle doden
weer zouden opstaan het terrein te klein zou zijn! In1919 werd een
grote houten barak opgetrokken waar de overledenen een voorlopige
rustplaats kregen . De niet geïdentificeerde dode lichamen en
lichaamsdelen werden hier in grote kisten opgeborgen,gesorteerd naar
gelang de sector waar ze gevonden waren. De toenmalige bisschop van
Verdun, Ginisty, spande zich er enorm voor in de dode soldaten een
waardiger onderkomen te geven.
Uit binnen en buitenland bracht hij gelden bijeen en op 22 augustus
1920 kon maarschalk Pètain de eerste steen leggen van het huidige
gedenkteken. Het zou het grootste knekelhuis ter wereld worden.
In1932 was het monument klaar en waren alle stoffelijke resten
overgebracht. Aanvankelijk was het de bedoeling er alleen
gesneuvelde Franse soldaten in onder te brengen maar dit bleek
onmogelijk. Veel van de lijken waren dusdanig verminkt dat het niet
mogelijk was te bepalen of het een gedode Duitser of Fransman
betrof. Het bleek zelfs niet mogelijk precies aan te geven hoeveel
onbekend gebleven militairen in de gewelven ondergebracht zijn.
Berekeningen op basis van de ingenomen ruimte geven echter aan dat
in het ossuarium van Douaumont minimaal 130.000 strijders rusten.
|
-
·Memorial.
Een museum dat geheel aan de loopgravenoorlog van de 1e Wereldoorlog is
gewijd. We slaan de films over en bekijken de vitrines en exposities. Veel
schoolklassen.
-
·Ossuarium.
Een moloch van een monument ter nagedachtenis van de 800.000 gevallenen. De
beenderen van zo’n 130.000 onbekende slachtoffers liggen hier verzameld in
het knekelhuis. Door de ramen buiten kun je die berg botten, beenderen,
kaken, schedels e.d. zien liggen. We beklimmen de toren voor een uitzicht,
dat echter tegenvalt. In de hal is het donker en hangt een plechtige,
gewijde sfeer. In tegenstelling tot die Memorial is het hier niet druk.
-
Tranche
de Bayonettes.
Een loopgraaf met levend begraven soldaten, hun bajonetten zouden nog net
boven de grond uitsteken. Is nog maar weinig van te zien. Het valt bitter
tegen allemaal.
|
SLAGVELDEN VAN VERDUN
Routes over de slagvelden van Verdun
Rechteroevervan de Meuse (Maas) via de avenue de la 42de Division,
de Faubourg-Pavé en de N 18 naar het NNO: Fort de Vaux (rondleiding
mogelijk, museum van de Eerste Wereldoorlog), plek van de hevige
gevechten in 1916, ruïne van het Fort de Souville (monument voor
minister Maginot). Dicht bij het kruispunt van de kapel Sainte-Fine
gedenkteken van Verdun en 'Musée du Souvenir' (Gedachtenismuseum,
gesloten in december); het grote Ossuaire de Douaumont, enorm maar
stijlloos monument, bekroond door een kolossale Dodenlantaarn
(dagelijks te bezichtigen), met 46 sarcofagen, die overeenkomen met
de voornaamste sectoren van het slagveld van Verdun; enorme
nationale begraafplaats met 15.000 graven; interessant zijn ook het
Fort de Douaumonten het 'ravijn des Doods'; een sober betonnen
monument overdekt de tragische 'loopgraaf van de bajonetten'.
Linkeroever over de N 64 en de N 38 NNW: Le Mort Homme, beboste
heuveltop waar in 1916-18 bitter om is gevochten (monumenten) en de
Cóté 304, knelpunten in de verdediging van Verdun; in het W: de
heuvel Vauquois; in het Z: Varennes-en-Argonne*, waar in 1914-18
verschrikkelijke gevechten plaatsvonden; NNW: de heuvel Montfaucon:
Amerikaans gedenkteken; groot oorlogskerkhof van
Romagne-sous-Montfaucon (zie Varennes-en-Argonne). - Z: over de N 3,
de Côtes de Meuse en ZO, over de D 154: Les Eparges en de bergkam
van Les Eparges (gedachtenismonumenten van de gevechten van 1915),
de strategische weg, bekend als Tranchée de Calonne, die de bergkam
van Woëvre volgt tot Hattonchátel.
Ossuaire
(Knekelhuis)

Een groot gedeelte van de soldaten die stierven op het strijdtoneel
rond Verdun vielen zonder met de vijand oog in oog te hebben
gestaan. De granaat was verantwoordelijk voor de dood van het
merendeel van de gesneuvelden. De aard van deze doodsoorzaak bracht
met zich mee dat veel lijken zo gruwelijk verminkt waren dat
identificatie niet meer mogelijk was . Nadat de vijandelijkheden
beëindigd waren stond men dan ook voor de vraag wat te doen met het
enorme aantal kadavers die zich nog op de slagvelden bevonden.
Het aantal gevallenen was op sommige plekken zo groot dat als alle
doden weer zouden opstaan het terrein te klein zou zijn! In1919 werd
een grote houten barak opgetrokken waar de overledenen een
voorlopige rustplaats kregen . De niet geïdentificeerde dode
lichamen en lichaamsdelen werden hier in grote kisten
opgeborgen,gesorteerd naar gelang de sector waar ze gevonden waren.
De toenmalige bisschop van Verdun, Ginisty, spande zich er enorm
voor in de dode soldaten een waardiger onderkomen te geven.
Uit binnen en buitenland bracht hij gelden bijeen en op 22 augustus
1920 kon maarschalk Pètain de eerste steen leggen van het huidige
gedenkteken. Het zou het grootste knekelhuis ter wereld worden.
In1932 was het monument klaar en waren alle stoffelijke resten
overgebracht. Aanvankelijk was het de bedoeling er alleen
gesneuvelde Franse soldaten in onder te brengen maar dit bleek
onmogelijk. Veel van de lijken waren dusdanig verminkt dat het niet
mogelijk was te bepalen of het een gedode Duitser of Fransman
betrof. Het bleek zelfs niet mogelijk precies aan te geven hoeveel
onbekend gebleven militairen in de gewelven ondergebracht zijn.
Berekeningen op basis van de ingenomen ruimte geven echter aan dat
in het ossuarium van Douaumont minimaal 130.000 strijders rusten.
|
We picknicken aan de rand van het bos met brood, kaas en worst.
We hebben een hele voorraad van thuis meegenomen.
We rijden verder over een andere bekende Route met paaltjes naar
Bois-le-Duc. We willen hier een hotel bemachtigen, maar we zien onderweg geen
enkele overnachtingsmogelijkheid; noch in het centrum, noch in de buitenwijken.
We besluiten daarop door te rijden naar
Saint
Dizier. Het
is inmiddels mooi weer geworden. Aan de rand van de stad kiezen we onmiddellijk
voor een hotel uit de Campanile - keten. De kamer bevalt ons meteen, ook het
motelsysteem met de auto vlak voor de deur is wel handig. We rijden het centrum
in en slenteren daar rond, drinken koffie op het plein, maar blijven niet echt
lang want er is niet veel te bezichtigen.


|