|
Fotocollage Art Nouveau
(Klik voor een
vergroting)


FOTOCOLLAGE STAD NANCY
We zijn er vandaag op tijd bij. Na een volumineus ontbijt
checken we uit en rijden de stad in. Zonder problemen vinden we het beroemde
museum van de
École
de Nancy.
Het is kwart over tien nu; het gaat pas om half elf open. We slenteren nog wat
rond voor we ons opnieuw bij de ingang melden. Dan moeten we al in de rij
aansluiten, zo populair is dit museum blijkbaar. Jos kijkt er zijn ogen uit, hij is
een groot liefhebber van
Art Nouveau,
of ook wel
Jugendstil
genoemd. De kamers
zijn er helemaal in dezelfde stijl ingericht. Het meubilair oogt nog
fantastisch, alles blinkt en schittert. De tentoongestelde objecten zijn vooral van de kunstenaars Daum en
Gallé afkomstig. Het museum bevindt zich in een groot herenhuis en staat vol
gebruiksvoorwerpen van glas, houtsnijwerk en kristal, zoals lampen, tafeltjes en
ander klein spul. In de tuin staat nog een grafmonument en een aquarium in een
gebouwtje dat dicht is.
Tegen de middag rijden we naar het centrum, maar we vinden er
voor het eerst in Frankrijk geen parkeerplaats. Vier parkeergarages zijn of
dicht of we komen er op de een of andere manier niet in. Uiteindelijk lukt het
ons gewoon langs de straat te parkeren. We bezoeken allereerst de kathedraal,
waar net de mis uitgaat. Er is een vormselplechtigheid geweest.
De kinderen
lopen er op hun paasbest bij. Veel ouders zijn maar wat trots op hun kroost. De
kerk zelf is niet zo bijzonder. Met haar sobere grijze tinten oogt ze heel
streng.

Hotel de Ville (Nancy)
Baanbrekend voorbeeld van een barokke stadsplanning
Het Hotel de
Ville (stadhuis) van Nancy in de Franse provincie Lotharingen vormt
het middelpunt van een groep gebouwen rond een groot plein. Dit
plein werd aangelegd in opdracht van Stanislaus Leszczynsky,
tweemaal voormalig koning van Polen, die vanaf 1736 hertog van
Lotharingen werd.
Leszczynsky
arriveerde in Frankrijk nadat hij de kroon van Polen had verloren
aan Augustus III. Zijn dochter Maria was in 1725 getrouwd met
Lodewijk XV en het plein was bedoeld als monument voor zijn
schoonzoon. Het werd aangelegd tussen 1752 en 1755 en moest het
middeleeuwse gedeelte van Nancy verbinden met de nieuwe stad,
gebouwd in het begin van de 17e eeuw. Bovendien verbond het twee
bestaande gebouwen, het Hotel de Ville en het Hotel de Gouvernement
(zetel van het regionale bestuur), met elkaar. Het plein is
rechthoekig, 125 bij 106 meter, en geplaveid met gele stenen
waartussen twee donkere lijnen een diagonaal kruis vormen.
Het Hotel de
Ville ligt aan de zuidkant, tegenover een triomfboog. Aan de
oostkant staat een operagebouw en aan de westkant vindt u het Museum
van Schone Kunsten (oorspronkelijk een medische faculteit). In de
noordwest- en de noordoosthoek staan fonteinen ontworpen door
Barthelemy Guibal. Het plein heette aanvankelijk het Koningsplein,
maar werd in de Franse Revolutie omgedoopt tot Volksplein en later
tot Napoleonplein. In 1831 kreeg het ten slotte de naam
Stanislasplein en werd er een standbeeld van de schepper geplaatst.
Het complex
staat samen met twee andere historische pleinen in Nancy op de
Werelderfgoedlijst van Unesco. Het Stanislasplein werd gerestaureerd
tussen 2004 en 2005, op tijd voor het 250-jarig bestaan. Het Hotel
de Ville van Nancy is het hart van een van de mooiste voorbeelden
van Europese stadsplanning uit de barok. |

|
Vlak in de buurt liggen de architectonische attracties van de
stad. We doelen hier op de Place Stanislas, Place
de Carrière, het park de Pepinières en wat kerken. De stijl is 18e-eeuws en
hoort bij elkaar. Het is een compositie van een Poolse koning die het hertogdom
Lotharingen cadeau kreeg bij zijn huwelijk met een Franse koningsdochter. Ja, zo
ging dat in die tijd.
Het is er tamelijk druk. De lantaarnpalen zijn er prachtig
verguld, tot vlak op het einde van de straat. Daar staan ze nog in oude staat,
blijkbaar was het geld op. We drinken in een brasserie koffie, eten een broodje
in een park en gaan vervolgens tegen 14.00 uur op weg naar
Metz.
|
 |
|

Nancy: De stad met de gouden
poorten
Nancy, dat onder de afgezette Poolse koning Stanislas Leszczynski
uitgroeide tot een grootse residentiestad, bezit een van de mooiste
binnensteden van Europa. Vooral 's nachts, wanneer het vergulde
traliewerk rond de Place Stanislas in het kunstlicht glanst en het
oude centrum wordt verlicht, toont Nancy zich in zijn volle pracht.

De Place Stanislas, midden 18de eeuw, vormt een prachtig klassiek
geheel; de stompe hoeken zijn afgesloten door magnifieke vergulde
smeedijzeren hekken van Jean Lamour; 2 ervan omsluiten fonteinen,
die met beelden versierd zijn: in het midden standbeeld van koning
Stanislas van Polen, hertog van Lotharingen; aan de Z-zijde het
stadhuis; aan de W-zijde het museum voor Schone Kunsten (dagelijks
open behalve op maandagmorgen en dinsdag): collectie van de
belangrijkste Europese scholen, vooral Hollandse en Vlaamse
(Rubens), Duitse, Spaanse (Ribera), maar vooral Franse: Ph. de
Champaigne, Boucher, Delacroix, Courbet, Manet, Bonnard, Modigliani;
rijk grafisch kabinet: Callot, Grandville; glaswerk (115 stuks) van
Daum.
Door de rue Héré en de Triomfboog ter ere van Lodewijk XV komt men
op de langgerekte Place de la Carrière, die, ombouwd met fraaie
huizen uit de 18de eeuw, aan het verste eind het Paleis du
Gouvernement, midden 18de eeuw, en zijn colonnades een
bezienswaardig geheel vormt. Links: het uitgestrekte Parc de la
Pépinière uit 1765 (23 ha). Aan de Grande-Rue het imposante
Hertogelijk Paleis, 12de eeuw, waarnaast een laatgotische
portiersloge, met even rijke als sierlijke sculpturen; hier is het
museum van de geschiedenis van Lotharingen (gesloten op dinsdag),
rijk aan archeologie, historische herinneringen, kunstvoorwerpen,
'vijf heel mooie wandtapijten uit Doornik' (1 5de eeuw),
schilderijen (twee van G. de La Tour) en faiences uit de streek. Het
bijgebouw, de franciscaner kerk, 15de eeuw, is de St-Denis van de
hertogen van Lotharingen; interieur: grafmonument met liggende
figuur van Philippe de Gueldre, tweede gemalin van Hertog René 11 (t
1547), een der mooiste werken van Ligier Richier; links van het koor
in de achthoekige hertogelijke kapel (1607) 7 zwart marmeren
praalgraven van de hertogen van Lotharingen en het klooster van de
franciscanen.
De Grande-Rue, waarin verscheidene oude huizen, komt uit op de Porte
de la Craffe, eind 14de eeuw, eveneens een bijgebouw van het museum
voor de geschiedenis van Lotharingen (middeleeuws beeldhouwwerk).
De kathedraal, 18de eeuw, bezit een rijke decoratie, 18de eeuw
(hekwerk van Jean Lamour); interessante schatkamer.
In de kerk Notre-Dame-du-BonSecours, 18de eeuw, graftombe van koning
Stanislas en mausoleum van de koningen; in een monument het hart van
hun dochter Marie Leszyncska, gemalin van Lodewijk XV.
Museum van de school van Nancy (gesloten op dinsdag): collecties
meubels en decoraties, periode 1900 ('art nouveau').
Museum voor dierkunde met mooie collectie nationale en plaatselijke
fauna, en een belangrijk tropisch aquarium met 72 bassins ('s
middags geopend behalve op dinsdag). |


Ongeveer
halverwege bespreken we onze plannen. Wat gaan we eigenlijk doen in Metz, alweer
een grote stad. Het blijkt dat we er allebei niet zo’n trek in hebben. We
besluiten eendrachtig om maar in één ruk naar huis te rijden. Per slot van
rekening zijn we niet meer zo ver van huis (we schatten zo’n 350 kilometer) en
met louter autosnelwegen voor ons hebben we die afstand in een mum van tijd
overbrugd. En dat klopte, om half zeven reden we onze straat in, we hebben het
in drie uur tijd gelapt. Onderweg stoppen we een paar keer voor een broodje en
een sigaretje. Bij Susteren tanken we nog een laatste keer bij het 'Land van
Swentibold' en nemen er een gehaktstaaf om de inwendige mens te versterken.
Tussen Melick en
Roermond
treffen we tot onze
verbijstering het meest abominabele stuk weg van onze hele vakantie aan! Wat
nou, in Nederland is alles in orde….
INFO NANCY
De
Place Stanislas, midden 18de eeuw,
vormt een prachtig klassiek geheel; de stompe hoeken zijn afgesloten
door magnifieke vergulde smeedijzeren hekken van Jean Lamour; twee
ervan omsluiten fonteinen, die met beelden versierd zijn: in het
midden een standbeeld van koning Stanislas van Polen, hertog van
Lotharingen; aan de zuidzijde het stadhuis; aan de westzijde het
museum voor Schone Kunsten coll. van de belangrijkste Europese
scholen.
Door de
rue Héré en de Triomfboog ter ere van Lodewijk XV komt men op de
langgerekte Place de la Carrière, die,
omgeven door fraaie huizen uit de 18de eeuw, aan het verste eind het
Paleis du Gouvernement, midden 18de eeuw, en zijn colonnades een
bezienswaardig geheel vormt. Links: het uitgestrekte
Parc de la Pépinière uit 1765 (23 ha).
Aan de Grande- Rue het imposante Hertogelijk Paleis, 12de eeuw,
waarnaast een laat- gotische portiersloge, met even rijke als
sierlijke sculpturen; hier is het museum van de geschiedenis van
Lotharingen , rijk aan archeologie, historische herinneringen,
kunstvoorwerpen en wandtapijten uit Doornik'. Het bijgebouw, de
franciscaner kerk uit de 15de eeuw, is de St- Denis van de hertogen
van Lotharingen; interieur: graf monument met liggende figuur van
Philippe de Gueldre, tweede gemalin van Hertog René 11 (t 1547), een
der mooiste werken van Ligier Richier; links van het koor in de
achthoekige hertogelijke kapel (1607) 7 zwart marmeren praalgraven
van de hertogen van Lotharingen en het klooster van de franciscanen.
De
Grande - Rue, waarin verscheidene oude huizen, komt uit op de Porte de
la Craffe, eind 14de eeuw, eveneens een bijgebouw van het museum
voor de geschiedenis van Lotharingen (middeleeuws beelhouwwerk). De
kathedraal, 18de eeuw, bezit een rijke decoratie, 18de eeuw (hekwerk
van Jean Lamour); interessante schatkamer. In de kerk
Notre-Dame-du-Bon-Secours, 18de eeuw, graftombe van koning Stanislas
en mausoleum van de koningen; in een monument het hart van hun
dochter Marie Leszyncska, gemalin van Lodewijk XV.

- Museum
van de school van Nancy: collecties meubels en decoraties, periode
1900 ('art nouveau').
- Museum
voor dierkunde met mooie collectie nationale en plaatselijke fauna,
en een belangrijk tropisch aquarium met 72 bassins.
|

|