Onze
volgende stop is Tienen, een stad ter grootte van Venlo. Het is net als Tongeren
een nederzetting die uit de Romeinse tijd stamt. Overblijfselen daarvan treffen
we vlak bij de grote markt aan in het museumpje Het Toreke, waar we eveneens een
expositie bewonderen over neolithische bewoners: fraaie modellen van was, heel
levensecht in een jachtkampje tentoongesteld.
Nabij ligt het Suikermuseum,
speciaal hier gevestigd omdat Tienen het industriële centrum van de
suikerindustrie in België is. Onderweg hier naar toe hebben we de vestiging van
DSM (aspartaam wordt er geproduceerd) zien liggen. Het is een museum op verschillende niveaus en we
brengen er dan ook meer dan een uur door. Buiten regent het dan net trouwens.
We
maken nog een korte wandeling rondom de kathedraal, bekijken het Monument van de
gevallenen uit de Eerste Wereldoorlog. In de buurt van onze geparkeerde Ka staan
twee jongemannen als paashaas verkleed, die gaan dus op de foto. Jos krijgt een
zakje met chocolade eitjes cadeau en vraagt er meteen ook een extra voor zijn
vriend in de auto….
MEER INFO TIENEN I
Tienen is alom gekend van zijn suikerfabriek. Maar de stad
heeft voor u nog veel meer in petto. Ten tijde van het hertogdom Brabant was
Tienen een van de belangrijkste steden: de culturele rijkdom van toen kan u nu
nog bewonderen. En ook van de rijkdom van de natuur kan u hier volop proeven
tijdens een wandeling of fietstocht.
Tienen is de oudste stad van het Hageland. Hiervan getuigt het stedelijk museum
Het Toreke met een verzameling sier- en gebruiksvoorwerpen, afkomstig uit Gallo
- Romeinse villa's en grafheuvels. De gotische kerk van Onze - Lieve -Vrouw -
ten - Poel op de Grote Markt toont duidelijk de welvaart aan die Tienen in de
middeleeuwen kende. De voorgevel is met zijn drie grote gotische portalen
majestueus te noemen.
Tienen ligt aan de noordrand van Haspengouw, een streek met eindeloos glooiende
akkers, met verre en open horizonten. Wie van dit landschap wil genieten, hoeft
enkel wandelschoenen aan te trekken of de fiets uit stal te halen. Naast diverse
wandelingen werden ook twee fietsroutes de Bietenroute en de Landense fietsroute
uitgestippeld.
De bewoners van Tienen zijn vooral fier op hun raffinage van 'spierwitte blokjes
diamant', die u wellicht beter kent als suikerklontjes. Vandaar ook de naam
'Suikerrock' voor het jaarlijkse muziekfestival in Tienen dat twee dagen in
beslag neemt.
MEER INFO TIENEN II
Stad Tienen
Oppervlakte 71,77 km²
Bevolking (Bron: NIS)
Inwoners 31.797 (01/07/2005)
Werkloosheidsgraad 8,93% (01/01/2005)
Tienen is een plaats en stad in de provincie Vlaams-Brabant. De stad telt ruim
31.500 inwoners.
Tienen ligt aan de Gete. Die rivier werd in 1525 bevaarbaar tot in de stad
waardoor Zoutleeuw in deze periode sterk aan belang verloor.
Scheepvaart op de Grote Gete
De scheepvaart op de Gete was van korte duur: in totaal 60 jaar. Op 9 december
1517 verleende de jonge keizer Karel V de toestemming om de Grote Gete tot in
Tienen bevaarbaar te maken. Rond Kerstmis 1525 vertrok het eerste schip uit
Tienen, terwijl op 3 maart 1526 het eerste schip aankwam. De eerste zeeman,
Hendrick Deprince, kreeg hiervoor van het stadsbestuur een beloning van 38
stuivers. De nieuwe vorm van welvaart werd met lede ogen door de stad Zoutleeuw
aangezien. Bovendien stak de heer van Neerlinter stokken in de wielen. Het waren
echter de godsdienstoorlogen die ervoor zorgden dat de Gete verzandde.
Na de Vrede van Munster (1648) keerde de rust terug. Op 11 augustus 1650 gaf
Filips IV aan Tienen de toestemming om de Gete opnieuw te kanaliseren. De werken
vorderden snel en in november 1651 kwam de eerste boot te Tienen aan. De
gebeurtenis werd op 24 november gevierd in de herberg van Joos Lenaerts, de
"Koning van Spanje". De heropleving van de scheepvaart duurde niet lang. Onder
het regentschap van Juan van Oostenrijk (1656) viel de scheepvaart voorgoed
stil. De plaats waar de schepen aankwamen, heette al in 1544 aende werff.
Vooraleer de schippers deze Werf bereikten, passeerden ze 7 sluizen die de stad
moest onderhouden. Het Pakhuis bevond zich in de Paardenbrugstraat op de
Vetterie.
Etymologie
* Tienen. Over de naam Tienen is zeer veel geschreven. Een mogelijke verklaring
werd gegeven door plaatsnaamkundige dr. Paul Kempeneers. Hij vertrekt niet van
de vorm thiunas, die zou voorkomen in het jaar 872 in een document uit de
kanselarij van Karel de Kale. Hierin verklaarde de Franse vorst, dat de abdij
van Saint-Germain-des-Prés te Parijs in het bezit was van een villa of klooster,
gelegen in de pagus Haspengouw. In werkelijkheid staat in de tekst duidelijk
thuinas. Bovendien is het schrift van het cartularium uit de 12de eeuw. Het in
Parijs berustende origineel van 872 bevat het citaat niet. Tussen 872 en de 12de
eeuw werd dus een falsum opgemaakt. Het origineel werd gekopieerd, maar met
inlassing van bepaalde gedeelten. Ook wijkt de vorm thuinas volledig af van alle
overgeleverde vormen. Tienen ligt in een gebied dat al heel vroeg deelgenomen
heeft aan de Germaanse klankverschuiving. Daarom gaat Kempeneers uit van de
reconstructie *deuniom. Deze vorm gaat terug op de persoonsnaam *deunios, die
zoveel betekent als "de machtige, de vereerde". Deuniom is een afleiding van
deze persoonsnaam, met de betekenis "bij de lieden van Deunios". Door Germaanse
klankverschuiving werd de beginklank een T. De klinker ie van Tienen gaat
klankwettig terug op een Westgermaanse eo (zoals in Teones) en verder op een
Indo-Europese (IE) eu. De uitgang -iom verdoft in het Nederlands tot -en.
Samengevat ging de evolutie mogelijk als volgt: IE *deuniom > Germaans *teonum >
Nederlands Tienen.
* Tirlemont. Om de stad Tienen te onderscheiden van andere gemeenten met
dezelfde naam, werd Tienes uitgebreid met de Franse aanduiding le mont (wegens
de Sint-Germeinsheuvel). Deze naam vinden we in 1157 als Tieneslemont. Hij
beantwoordt aan het Latijnse Thenis Mons uit 1099. Hieruit ontwikkelde zich de
Franse benaming Tirlemont.
Evenementen
Belangrijkste evenement: Suikerrock (eind juli -
begin augustus)
Internationale postzegelbeurs (najaar)
Internationale muntenbeurs - Numismatica
(najaar)
Jaarlijkse kermis (eind juni)
Economie
De belangrijkste industrie in Tienen is de Tiense Suikerraffinaderij, opgericht
in 1836, waar suiker geproduceerd wordt uit suikerbieten. Aan de Grote Markt
bevindt zich in het voormalige Vredegerecht het Suikermuseum, ingericht naar
aanleiding van het 150-jarige bestaan van de "suikerfabriek". Momenteel maakt "Tiense
Suiker", met vestigingen in geheel België, deel uit van de Duitse groep
Südzucker AG.
Hoegaarden is een bekende naam op biergebied, het dorpje
ligt tien kilometer ten zuiden van Tienen. Er is net markt. We bezichtigen er
alleen de kerk, even verderop ligt ook nog een enorm groot kloostercomplex.
(België is rijk aan dat soort monumentale gebouwen, veelal in beheer van de
jezuïetenorde). In een pizzeria bestellen we een ‘croque monsieur‘die extra
aangekleed met veel groen wordt geserveerd. Van de beroemde brouwerij hebben we
niets kunnen ontdekken.
MEER INFO HOEGAARDEN
Hoegaarden, een mooi dorp aan de Grote Gete met een rijk
historisch verleden. Een dorpsnaam die zeker bekend in de oren zal klinken van
bierkenners en tuinliefhebbers. Hoegaarden is een landelijke gemeente, telt 6014
inwoners en heeft een oppervlakte van 3389 ha. Het is gemakkelijk te bereiken.
Hoegaarden is een van de kleinere gemeenten in de jonge provincie
Vlaams-Brabant. Hoegaarden was ooit de hoofdplaats van een autonoom graafschap
onder gravin Alpaïdis. Nadien bleven we doorheen de woelige Middeleeuwen een
eigenzinnige enclave van het prinsbisdom Luik, binnen het gebied van het
hertogdom Brabant.
De monumentale Sint - Gorgoniuskerk fungeert als een baken voor wandelaars en
fietsers in de wijde omgeving. Jaarlijks zakken duizenden toeristen naar
Hoegaarden af om er de unieke sfeer te proeven van een zes eeuwen oude
biercultuur (met het hoogtepunt in de 18de eeuw) en er even tot rust te komen in
oase van groen in onze thematuinen.
Tijdens de vroege middeleeuwen behoorde Hoegaarden tot het graafschap Brunengruz,
bestuurd door gravin Alpaïdis. Na haar dood in 987 schonk Otto III het
graafschap Brunengruz aan Notger, bisschop van Luik. Hoegaarden werd Luiks
gebied en vormde een Luikse enclave in het hertogdom Brabant. Tot de
troonafstand van Keizer Karel in 1555, kende Hoegaarden een relatief rustige
periode. Wanneer echter de Spaanse koning Filips II, de hertog Alva naar de
Nederlanden stuurde om de orde te handhaven, ondervond Hoegaarden daar de nodige
nadelen van.
In 1673 en de jaren daarop moest Hoegaarden echter voortdurend afrekenen met
oorlogsgeweld: Luik steunde immers de ambities van Lodewijk XIV. Onder het
Oostenrijks bewind (1713-1794) beleefde Hoegaarden zijn gouden eeuw. De algemene
welvaart, vooral te danken aan de biernijverheid, nam zienderogen toe. In 1726
waren er 36 brouwerijen en zo'n 110 mouterijen. Vandaag is Hoegaarden een rustig
provinciestadje.