Uit ons reisverslag:
Ook Tongerlo, vlakbij Herenthals, heeft een rijk klooster. Het lijkt
er een beetje verlaten als we er aankomen. Een stel luidruchtige Hollandse
pubers verlaat net het volledig ommuurde terrein met slotgracht als we er
aankomen. De kerk, niet zo bijzonder in onze ogen trouwens, is leeg. In de
voormalige tiendschuur is een permanente expositie gevestigd met vooral
foto’s van o.a. missionarissen in de Kongo. Er ligt ook een kleine
kinderboerderij met allerlei beesten. We blijven er niet lang rondhangen,
want we kunnen verder nergens in. We rijden door naar een groter plaatsje in
de buurt om er koffie te drinken.
GESCHIEDENIS
In de periode 1130/1133 schonk Giselbert van Castelré een groot domein,
waarop hij met steun van abt Waltman van de St. Michielsabdij in Antwerpen een
norbertijner klooster stichtte, dat al na enkele jaren tot abdij werd verheven.
De eerste bewoners kwamen uit de St. Michielsabdij, en Giselbert trad er zelf in
als lekenbroeder. Rond de abdij groeide een groot domein met agrarische uithoven
en meer dan veertig parochies, tot ver in het huidige Nederland gelegen.
Oorspronkelijk was het een dubbelklooster, maar na ongeveer twintig jaar
verhuisden de zusters naar de uithof van Eeuwen, bij Broechem. Daar stierf de
gemeenschap rond 1361 uit. In 1410 echter stichtte abt Jan Geerts een
norbertinessenklooster te Herentals. De invloed van de abdij op het gebied van
ontginning, werkverschaffing, onderwijs en armenzorg was in de Kempen erg groot.
In de 15de eeuw had de abdij veel te lijden van de dreigingen van commende - abten,
buitenstaanders die om wille van de inkomsten aan het hoofd van de abdij werden
geplaatst. Slechts met grote financiële offers kon de abdij haar zelfstandigheid
behouden. In 1504 werd Antoon Tsgrooten tot abt gekozen. Hij liet een prachtige
kerk bouwen en de abdijgebouwen vernieuwen. In de kerk werd in 1545 de kopie van
het Laatste Avondmaal door Leonardo da Vinci opgehangen, die abt Streytens had
gekocht.
In de tijd van de godsdiensttroebelen kreeg de abdij het erg moeilijk. Bij de
oprichting van het bisdom Den Bosch in 1559 werd de abdij onder protest
ingelijfd bij de bisschoppelijke tafel. De bisschop werd aangesteld tot hoofd
van de abdij en de inkomsten moesten dienen tot onderhoud van de bisschop en
zijn gevolg. Pas in 1569 kon bisschop Sonnius de abdij werkelijk in bezit nemen.
Wanneer hij in de abdij was logeerde hij in het nog bestaande bisschopshuis,
gebouwd in 1547 door Rombout Keldermans. Na jaren van juridische strijd herkreeg
de abdij in 1592 haar vrijheid en werd de scheiding van het bisdom een feit. Het
koste de abdij echter wel een groot deel van haar goederen. In deze jaren werden
ook drie pastoors van de abdij in hun parochies door rondtrekkende geuzen
vermoord.
| Na het concilie van Trente volgde een opbloei op geestelijk gebied. Abt Adriaan
Stalpaerts (1608-1629) stichtte in Rome het St. Norbertuscollege voor jonge
kloosterlingen uit de Brabantse circarie. Abt Van der Achter liet in 1725-1728
het nieuwe prelaatshuis bouwen. De wetenschap kwam in de 18de eeuw in de abdij
op een hoog niveau. In 1773 werd de uitgave van de Acta Sanctorum overgenomen na
de afschaffing van de Jezuïetenorde.
Aan deze bloei kwam tegen snel een einde. In de jaren 1789/1790 werd de abdij
meegesleept in de Brabantse Omwenteling, waarin op kosten van de abdij twee
Kempische regimenten werden opgericht voor de strijd tegen de Oostenrijkers.
Na jaren van afpersingen van oorlogsbelastingen werden de 130 kloosterlingen in
december 1796 door de Fransen uit de abdij verdreven. De gebouwen werden
geconfisceerd en verkocht aan twee eigenaars. Die lieten de kerk en het grootste
deel van de abdijgebouwen slopen.
Pas in 1835 mochten de overgebleven norbertijnen weer novicen aannemen, en in
1838 werd het gemeenschapsleven weer opgenomen op een kasteel in Broechem. In
1840 werd een deel van de oude abdij terug verworven. Hier groeide de
gemeenschap snel aan. In 1852 werd de nieuwe kerk gebouwd. Abt Thomas Ludovicus
Heylen (1887-1899) werd de beroemde bisschop van Namen. De abdij werd in 1929
getroffen door een grote brand die vrijwel de gehele abdij verwoeste. De
gebouwen werden weer spoedig hersteld. Door de abdij van Tongerlo werd diverse
grote missies begonnen. In 1889 begon men in Engeland, in 1898 vertrokken de
eerste missionarissen naar de Congo Vrijstaat. Ze stichtten de apostolische
prefectuur Uele waaruit het huidige bisdom Buta ontstond. In 1924 volgde de
stichting van de huidige abdij Kilnacrott in Ierland, in 1931 de herstichting
van de abdij van Leffe. In 1949 vertrokken enkele norbertijnen naar Canada,
waaruit de huidige abdij van St. Constant ontstond. De priorij Storrington in
Engeland werd in 1952 overgenomen van de zusterabdij Frigolet, en in 1966
vertrokken missionarissen naar Chili.
|

|



|